De kruipende boterbloem (Ranunculus repens) polariseert. Ontdek alles over het ecologische nut, de standplaatsvoorkeuren en hoe je deze plant in een natuurlijke tuin beheert.
De kruipende boterbloem (Ranunculus repens) is een meester in aanpassing. Veel tuiniers vrezen de uitlopers, maar in een natuurlijke tuin heeft deze inheemse plant zeker bestaansrecht. Hieronder volgen de feiten over de bijdrage van de plant aan de biodiversiteit en het beheer van de groeikracht.
Als Ranunculus repens in een tuin gedijt, is dat een duidelijk signaal over de bodemgesteldheid. De plant geeft de voorkeur aan zonnige tot halfschaduwrijke standplaatsen op zware, lemige en vochtige gronden. Omdat de plant als stikstofindicator geldt, duidt een sterke aanwezigheid vaak op voedselrijke en verdichte grond.
De plant is uiterst robuust:
Hoewel de kruipende boterbloem vaak als „onkruid” wordt bestempeld, vervult de plant een belangrijke functie in het ecosysteem. Hoewel de nectar- en pollenwaarde beide als laag (niveau 1) zijn geclassificeerd, maken de beschikbaarheid en de open bloemvorm de plant aantrekkelijk voor veel insecten.
| Bezoekersgroep | Betekenis |
|---|---|
| Wilde bijen | Pollenbron voor 13 soorten (o.a. zandbijen, groefbijen) |
| Honingbijen | Gebruiken het aanbod aan pollen als aanvulling |
| Vlinders | Nectarplant voor 4 soorten |
| Kevers & zweefvliegen | Veelvuldige bezoekers vanwege de gemakkelijk toegankelijke bloemen |
Vanwege de bovengrondse uitlopers die bij contact met de bodem direct wortelen, kan de boterbloem snel andere vaste planten verdringen. In een natuurlijke tuin geldt: tolerantie waar mogelijk, ingrijpen waar nodig.
Zo kan de populatie effectief worden beheerd:
De kruipende boterbloem bevat protoanemonine. Deze stof is irriterend voor de huid en in verse toestand giftig voor grazende dieren. Voor dierhouders is er goed nieuws: zodra de plant gedroogd is (bijv. in hooi), valt de werkzame stof uiteen en is deze ongevaarlijk.
Ja, in verse toestand bevat de plant protoanemonine, wat huidirritatie veroorzaakt en gevaarlijk kan zijn voor grazende dieren. Gedroogd (in hooi) is de plant niet giftig.
Het regelmatig uitsteken van de moederplanten inclusief de uitlopers is het meest effectief. Op de lange termijn helpt het zand toevoegen en beluchten van de bodem tegen wateroverlast.
De plant is waardevol voor 13 soorten wilde bijen, honingbijen, zweefvliegen en kevers. Ook 4 vlindersoorten gebruiken de plant als nectarplant.
Het is een indicatorplant voor verdichte, vochtige, voedselrijke (stikstofhoudende) en vaak lemige gronden.
De goudgele bloemen verschijnen doorgaans van mei tot augustus en bieden in die periode voedsel voor insecten.
Erhältlich bei Gartenexpedition.de

2,50 €
inkl. MwSt., zzgl. Versandkosten
Zum Shop →

3,27 €
inkl. MwSt., zzgl. Versandkosten
Zum Shop →
Partnerhinweis: Die verlinkten Produkte stammen von Gartenexpedition.de. Bei einem Kauf unterstützt du unsere Arbeit.
Schlagwörter
Alle Artendaten stammen aus wissenschaftlichen Quellen (CC BY 4.0 / CC0). Namensnennung gemäß Lizenzbedingungen. Vollständige Quellenübersicht →