Ontdek waarom wegbermen in juni cruciale corridors zijn voor insecten en hoe je de biotoopverbinding langs de weg actief kunt bevorderen. Lees nu.
Als je in juni door het boerenland of je woonwijk wandelt, zie je de groene stroken tussen de rijbaan en de akkerrand misschien alleen als decoratie. Biologisch gezien gaat het hier echter om een zogenaamde biotoopverbinding – een netwerk van leefgebieden. In een sterk versnipperd landschap zijn deze smalle lijnen vaak de enige manier voor dieren om van het ene leefgebied naar het andere te komen.
Vooral voor insecten met een kleine actieradius, zoals de rosse metselbij (Osmia bicornis), werken wegbermen als oriëntatielijnen. Zonder deze verbindingskanalen ontstaan geïsoleerde eilandpopulaties. Dit leidt onvermijdelijk tot inteelt (paring van nauw verwante individuen) en een afname van de genetische variatie. Een beperkte genuitwisseling verzwakt de weerstand van een soort tegen milieuveranderingen of ziekten.
De overgangszone tussen verschillende leefgebieden wordt in de ecologie een zoom genoemd. In juni bereiken veel planten in deze zoom hun volle bloei. Vaak tref je hier de gevlekte dovenetel (Lamium maculatum) aan, die vooral voor hommels (Bombus) een betrouwbare nectarplant is. Langs vochtige greppelkanten bij voetpaden kan zelfs de kleine watereppe (Berula erecta) groeien, die gespecialiseerde zweefvliegen (Syrphidae) als landingsplaats dient.
Het principe van verbinding is ook op grotere schaal toepasbaar. Terwijl insecten de berm gebruiken, hebben migrerende grote zoogdieren zoals de eland (Alces alces) veel grotere corridors nodig. Het principe blijft echter hetzelfde: zonder fysieke routes stort het ecologische netwerk in.
De manier waarop gemeenten in juni hun wegbermen onderhouden, bepaalt het voortbestaan van hele generaties. Het gangbare klepelmaaien – waarbij het maaisel wordt verhakseld en blijft liggen – werkt vaak verwoestend. Het leidt tot eutrofiëring (overbemesting door ophoping van voedingsstoffen), waardoor sterk concurrerende grassen de fijnere bloeiende planten verdringen.
Op basis van huidige bestuivingsgegevens is gefaseerd maaien de beste oplossing. Daarbij worden slechts delen gemaaid, terwijl andere als overstaande grasstroken blijven staan. Zo kunnen insecten zoals de grote wolbij (Anthidium manicatum) zich in de resterende refugia terugtrekken.
| Beheermaatregel | Effect op de biodiversiteit | Aanbeveling voor juni |
|---|---|---|
| Volledig maaien | Totale vernietiging van larven en poppen; onderbreking van de corridorfunctie. | Absoluut vermijden. |
| Mozaïekmaaien | Behoud van refugia (toevluchtsoorden) voor insecten; zaadrijping verzekerd. | Minimaal 20% van het oppervlak laten staan. |
| Afvoeren van maaisel | Bodemverschraling; bevordering van zeldzame bloeiende planten. | Ideaal om overdaad aan voedingsstoffen te voorkomen. |
Je hoeft niet op de gemeente te wachten om de biotoopverbinding langs wegen te versterken. Als tuineigenaar kun je je eigen buitenruimte inrichten als stapsteen (een klein tussenliggend leefgebied dat afstanden overbrugt).
Door de logica van biotoopverbindingen toe te passen in je tuin, help je actief mee om de genetische diversiteit van onze inheemse fauna te behouden. Elke meter telt om de groene aderen van ons landschap te laten kloppen.
Veel insecten bevinden zich in juni in hun hoofdactiviteits- of voortplantingsfase. Volledig maaien vernietigt voedselbronnen en belangrijke larvale habitats.
Genuitwisseling is de uitwisseling van genetisch materiaal tussen populaties. Biotoopverbindingen maken deze uitwisseling mogelijk en voorkomen schadelijke inteelt.
Vaak vind je daar de grote klis (Arctium lappa) en de gevlekte dovenetel (Lamium maculatum), die belangrijke hulpbronnen voor bestuivers bieden.
Laat wilde kruiden langs de perceelsgrenzen staan en creëer stapstenen zoals een houtril om looproutes voor kleine dieren en insecten veilig te stellen.
label_hoofdartikel: Wilde planten langs de weg: inheemse soorten gebruiken in de natuurtuin
Trefwoorden
Ontdek hoe je bermplanten zoals grote klit en gevlekte dovenetel in de natuurlijke tuin gebruikt. Deskundige gids over standplaats, insectenwaarde en ecologische samenhang.
VerdiepingOntdek hoe je de wilde cichorei (Cichorium intybus) in de natuurtuin vestigt en zo gespecialiseerde pluimvoetbijen en bestuivers ondersteunt.
VerdiepingHandleiding voor het verschralen van de bodem in de natuurtuin: gebruik zand en grind om voedselarme leefgebieden voor wilde planten zoals slangenkruid en koningskaars te creëren.
VerdiepingOntdek hoe je in juni wildbloemenzaden op de juiste manier verzamelt en zaait. Stapsgewijze handleiding voor inheemse soorten zoals de gevlekte dovenetel.
Alle soortgegevens zijn afkomstig uit wetenschappelijke bronnen (CC BY 4.0 / CC0). Naamsvermelding conform licentievoorwaarden. Volledig bronnenoverzicht →