Naar hoofdinhoud springen
EUNIS: MC351Europäische Rote Liste: Data Deficient

MC351: Levensgemeenschappen van het mediterrane bovenste circalitoraal op kustnabije detritusbodems – een onvoldoende onderzochte zeebodem

MC351 betreft levensgemeenschappen van het mediterrane bovenste circalitoraal op kustnabije detritusbodems. Dit habitattype staat op de Europese Rode Lijst van habitats, maar met de status 'Data Deficient' (onvoldoende gegevens). Er is geen bijlage I-code volgens de Habitatrichtlijn toegewezen en er is geen EU-brede staat van instandhouding volgens artikel 17 beschikbaar. Kenmerkende soorten zijn onder andere Gracilaria verrucosa, Ophiothrix fragilis, Asterias rubens en Ciona intestinalis.

Einordnung

Originalbezeichnung
Communities of Mediterranean upper circalittoral coastal detritic bottoms
EUNIS
MC351
EU-28
Data Deficient
EU-28+
Data Deficient

Het belangrijkste in het kort

Het habitattype MC351 omvat de levensgemeenschappen op kustnabije detritusbodems van het bovenste circalitoraal in het Middellandse Zeegebied. Het wordt in de brongegevens uitsluitend vermeld voor de mariene biogeografische regio MED. In de Europese Rode Lijst van habitats (EU28 en EU28+) staat het te boek als „Data Deficient” (DD) – er zijn onvoldoende betrouwbare gegevens om een gevarenstatus toe te kennen. Een specifieke beschermingsstatus binnen de Habitatrichtlijn (bijlage I) ontbreekt. Ook is er geen gemeenschappelijke Europese staat van instandhouding volgens artikel 17 van de Habitatrichtlijn vastgelegd.

Kenmerkend zijn wisselende bodemsubstraten – van grind en zand over schelpenbanken (vooral van Mytilus galloprovincialis) tot slibhoudende mengbodems. De soortenrijkdom vertoont een gelaagdheid in twee zones: een bovenste en een onderste infralitorale laag, die in de Zee van Marmara bovendien worden beïnvloed door overliggende waterlagen van verschillend zoutgehalte.

Voor natuurbescherming, ruimtelijke ordening en burgerinformatie is dit type van groot belang juist vanwege de leemten in kennis: het illustreert een blinde vlek in de zeebescherming waarover we nog veel te weinig weten. Hieronder presenteren we de vakinhoudelijke informatie op een manier die ook zonder marien-biologische studie te volgen is.


Wat wordt verstaan onder MC351? – Definitie en indeling

MC351 staat in de Europese natuurtypologie voor „Communities of Mediterranean upper circalittoral coastal detritic bottoms”, in het Nederlands: Levensgemeenschappen van het mediterrane bovenste circalitoraal op kustnabije detritusbodems.

De EUNIS-classificatie en de code MC351

EUNIS (European Nature Information System) deelt habitats hiërarchisch in. Mariene habitats vallen onder hoofdcategorie M (Marine). MC351 is een subeenheid van het mariene biotoopcomplex. De code MC351 verwijst naar een gemeenschap die doorgaans verbonden is met de onderste infralitorale zone. Het infralitoraal is de zone onder de laagwaterlijn die nog voldoende licht ontvangt voor plantengroei; de ondergrens ligt waar fotosynthese op de lange duur niet meer mogelijk is. Daarop sluit het circalitoraal aan, dat doorloopt tot het uitblijven van algenvegetatie. „Upper circalittoral” duidt op het bovenste gedeelte van deze zone, dat zich dichtbij de kust bevindt en gekarakteriseerd wordt door fijnkorrelige, vaak detritische bodems (samengesteld uit biogeen en mineraal afbraakmateriaal).

In de voorliggende brongegevens wordt uitdrukkelijk de Zee van Marmara als referentiegebied genoemd. Hier wordt het habitat gekenmerkt door een tweedeling: een bovenste, minder zoute laag met invloeden uit de Zwarte Zee en een diepere, zoutere laag die gevoed wordt door de Middellandse Zee. Kenmerkend is de wisselende samenstelling van de ondergrond, die sterk afhangt van de kustmorfologie en de nabijgelegen infralitorale formaties.


Waar komt het habitat voor? – Geografische verspreiding

De dataset vermeldt als enige biogeografische regio MED, de mediterrane regio. Concrete landenlijsten ontbreken. In de referentietekst wordt het voorkomen echter zo beschreven dat het kan optreden aan kustgedeelten met een passende geologie en watergelaagdheid – de Zee van Marmara geldt als voorbeeld. Omdat het een marien biotoop betreft, is het niet gebonden aan landsgrenzen; het kan overal in het Middellandse Zeebekken voorkomen waar de fysische en substraatgebonden randvoorwaarden vervuld zijn.

Aangezien de Europese Rode Lijst dit habitattype als „Data Deficient” vermeldt, ontbreken ook betrouwbare gegevens over totale oppervlakte, verspreidingsdichtheid of ruimtelijke trends. Het is dus mogelijk dat MC351 in meerdere aan de Middellandse Zee grenzende landen voorkomt – maar gedetailleerde kaarten en oppervlaktebalansen zijn momenteel niet beschikbaar.


Kenmerkende soorten – Gidssoorten van de bovenste en onderste laag

De voor het habitat karakteristieke soorten kunnen worden ingedeeld naar verticale gelaagdheid. In de brongegevens worden de volgende soorten als kenmerkend opgesomd:

Bovenste infralitorale laag

  • Roodwier Gracilaria verrucosa
  • Heremietkreeften Pagurus anachoretus, Clibanarius erythropus
  • Brokkelster Ophiothrix fragilis
  • Zeesterren Astropecten irregularis, Astropecten spinulosus, Asterina gibbosa, Marthasterias glacialis, Asterias rubens
  • Porseleinkrabbetjes Pisidia bluteli, Pisidia longimana
  • Kolonievormende zakpijp Botryllus schlosseri

Onderste infralitorale laag

  • Roodwier Halymenia floresii
  • Zeeveren Veretillum cynomorium, Pteroeides spinosum
  • Zeeslak Philine aperta
  • Zeester Asterias rubens (ook in de bovenste laag)
  • Zeekomkommer Ocnus planci
  • Zakpijpen Ciona intestinalis, Phallusia mamillata

Deze opsomming is geen volledige soorteninventaris, maar de door de vakdata uitdrukkelijk benoemde karakteristieke soortencombinatie. Ze wijst op een mozaïek van algen, weekdieren en andere ongewervelden, waarin zowel harde-substraatbewoners (bv. kolonievormende zakpijpen) als gravende of vrij bewegende bodemdieren voorkomen – typerend voor kleinschalig gestructureerde detritusbodems.


Ecologische betekenis en kwaliteitsindicatoren

MC351 wordt in de EUNIS-beschrijving geschetst als een habitat waarvoor geen algemeen overeengekomen kwaliteitsindicatoren bestaan. Wel zijn er potentiële benaderingen, gebaseerd op de kenmerkende soorten:

  • Voorkomen en talrijkheid van de onder „Kenmerkende soorten” genoemde organismen kunnen wijzen op een intacte toestand.
  • In beschermde mariene gebieden zoals Natura 2000-gebieden kunnen lokaal specifieke referentiewaarden (bv. voor waterkwaliteit, sedimentsamenstelling, biodiversiteit) zijn vastgesteld die een gunstige staat van instandhouding definiëren.
  • In de wetenschappelijke literatuur worden voor mariene habitats vaak ook indirecte indices zoals trofische indicatoren of successiestadia gehanteerd.

Omdat de gevarenstatus als „Data Deficient” is beoordeeld, ligt de conclusie voor de hand dat er noch dekkende monitoringsgegevens, noch uniforme beoordelingsmethoden voorhanden zijn. Dit onderstreept het belang van fundamenteel onderzoek naar dit habitat.


Geen Habitatrichtlijnbescherming, geen artikel-17-monitoring

Het habitattype MC351 is niet opgenomen in bijlage I van de Habitatrichtlijn (92/43/EEG). Dat betekent:

  • Er bestaat geen verplichting voor de EU-lidstaten om specifiek voor dit type eigen Habitatrichtlijngebieden aan te wijzen.
  • Er worden geen officiële beoordelingen van de staat van instandhouding uitgevoerd in het kader van artikel 17 van de Habitatrichtlijn. Daarom is het veld „article17_status” in de dataset leeg.

Toch kan MC351 voorkomen in aangewezen mariene beschermingsgebieden, bijvoorbeeld in een Natura 2000-gebied dat oorspronkelijk voor andere mariene habitats (zoals riffen of zandbanken) is ingesteld. In dat geval zouden de kenmerkende soorten van MC351 als kwaliteitskenmerk voor het gebiedsbeheer kunnen worden gebruikt – een gegevensintegratie die echter niet op Europees niveau is geharmoniseerd.


Bedreiging en beschermingsbehoefte – Rode Lijst „Data Deficient”

De Europese Rode Lijst van habitats (gepubliceerd door het Europees Milieuagentschap EEA) beoordeelt MC351 als:

  • Data Deficient (DD) voor de EU28-beoordeling
  • Data Deficient (DD) ook voor de uitgebreide beoordeling EU28+

Dat betekent dat er volgens het beoordelingsschema onvoldoende informatie beschikbaar is om het type als niet bedreigd, bedreigd of sterk bedreigd te classificeren. Noch een trendanalyse, noch een kwantificering van afnamesnelheden, oppervlakteverliezen of kwaliteitsverslechteringen was op het moment van beoordeling mogelijk.

Mogelijke bedreigingsfactoren – zoals bodemtrawlvisserij, sedimentverplaatsingen, eutrofiëring of invasieve soorten – worden in de brongegevens niet genoemd. Voor een verantwoorde risico-inschatting zijn gerichte inventarisaties noodzakelijk.


Wat betekent dit voor tuin, gemeente en natuurliefhebber?

Terwijl terrestrische biotopen vaak directe parallellen met tuininrichting toelaten, geldt dat niet voor dit mariene biotooptype. MC351 is een natuurlijke zeebodemhabitat dat in zout water onder specifieke hydrologische en sedimentaire omstandigheden bestaat. Nabootsing in de tuin of in kunstmatige vijvers is niet mogelijk.

Toch zijn de volgende aspecten relevant voor geïnteresseerde natuurliefhebbers en gemeenten:

  • Gemeentelijke strategieën voor zeebescherming: Kustgemeenten in het mediterrane gebied kunnen in hun omgevingsplanning stimuleren dat lokale kennis over zeebodemhabitats verzameld wordt – ook voor typen die niet onder de Habitatrichtlijn vallen. Citizen-scienceprojecten met duikers of vissers kunnen helpen kennishiaten te dichten.
  • Educatie en bewustwording: Het type MC351 laat voorbeeldig zien hoeveel mariene habitats nog onvoldoende onderzocht zijn. Scholen, natuurcentra en zeeaquaria kunnen het begrip aangrijpen om de „blinde vlek” in de zeebescherming te illustreren.
  • Indirect nut: Intacte detritusbodems zijn belangrijke paai-, foerageer- en schuilgebieden voor vele vis- en kreeftachtigensoorten die ook voor de visserij van belang zijn. Hun bescherming verzekert mariene ecosysteemdiensten op de lange termijn.

Bronnenvergelijking en datakwaliteit

De in dit artikel gebruikte informatie stamt uit het door het EEA uitgebreide pakket „European Red List of Habitats 2022”, dat meerdere basisdatasets integreert:

BronVerstrekte informatie
European Red List of Habitats (EEA)Gevarencategorie, beschrijving, karakteristieke soorten
EUNIS-habitatsdatabankSystematische indeling, verspreiding naar biogeografische regio's
Artikel 17-rapportagegegevens 2013–2018Staat van instandhouding – hier niet beschikbaar
Habitatrichtlijn (bijlage I)Beschermingsstatus – hier niet vermeld

Omdat veel velden zoals „threats”, „restoration_notes” of landenvoorkomens leeg zijn, berust het artikel uitsluitend op de bevestigde vermeldingen. Waar mogelijk zijn de gegevens taalkundig veralgemeniseerd, zonder toevoeging van speculaties.


Overzichtstabel: MC351 in één oogopslag

KenmerkInvulling / waarde
EUNIS-codeMC351
Nederlandse naamLevensgemeenschappen van het mediterrane bovenste circalitoraal op kustnabije detritusbodems
Biogeografische regioMED (mediterraan)
Europese Rode LijstData Deficient (DD) – EU28 en EU28+
Bijlage I HabitatrichtlijnNiet vermeld
Artikel 17-staat van instandhoudingGeen gegevens (geen bijlage I)
Kenmerkende soorten (voorbeelden)Gracilaria verrucosa, Ophiothrix fragilis, Asterias rubens, Ciona intestinalis e.a.
BedreigingsfactorenIn de brongegevens niet benoemd
HerstelnotitiesIn de brongegevens niet benoemd
KwaliteitsindicatorenGeen algemeen overeengekomen indicatoren; lokaal kunnen referentiewaarden gelden
BijzonderhedenTweedeling in de Zee van Marmara; hoge substraatdiversiteit (grind, schelpgruis, slib)

FAQ – Veelgestelde vragen

1. Wat betekent de EUNIS-code MC351?

MC351 staat voor de levensgemeenschappen op kustnabije detritusbodems van het bovenste circalitoraal in de Middellandse Zee. Het is een marien biotooptype onder de laagwaterlijn met een mengsel van grind, schelpgruis en fijne sedimenten.

2. Is MC351 een beschermd habitat volgens EU-recht?

Nee. MC351 is niet opgenomen in bijlage I van de Habitatrichtlijn. Er rust dus geen juridische verplichting op de lidstaten om speciaal voor dit type Habitatrichtlijngebieden aan te wijzen of de staat van instandhouding ervan volgens artikel 17 te rapporteren.

3. Hoe sterk is dit zeebodemhabitat bedreigd?

De Europese Rode Lijst classificeert MC351 als „Data Deficient” (onvoldoende gegevens), zowel in de EU28- als in de EU28+-beoordeling. Er zijn te weinig data om een gevarencategorie toe te kennen.

4. Welke dieren en planten zijn karakteristiek voor MC351?

Kenmerkend zijn bijvoorbeeld het roodwier Gracilaria verrucosa, de brokkelster Ophiothrix fragilis, zeesterren zoals Asterias rubens, kolonievormende zakpijpen (Botryllus schlosseri) en in de onderste laag zeeveren (Veretillum cynomorium) en zakpijpen (Ciona intestinalis).

5. Kan men dit habitat in de tuin nabootsen?

Nee. MC351 is een marien, zoutwaterafhankelijk zeebodemhabitat dat in het natuurlijke kustmilieu onder bijzondere omstandigheden voorkomt. Nabootsing in de tuin of in zoetwatervijvers is niet mogelijk.


Bronnenlijst

Gebruikt is het door het EEA in 2022 bewerkte datapakket voor de Europese Rode Lijst van habitats, dat de gegevens over EUNIS-code, bedreiging en karakteristieke soorten samenbrengt. Aanvullende gegevens over staat van instandhouding (artikel 17) waren in het bronmateriaal niet opgenomen.

Häufige Fragen

Wat betekent de EUNIS-code MC351?

MC351 staat voor de levensgemeenschappen op kustnabije detritusbodems van het bovenste circalitoraal in de Middellandse Zee. Het is een marien biotooptype onder de laagwaterlijn met een mengsel van grind, schelpgruis en fijne sedimenten.

Is MC351 een beschermd habitat volgens EU-recht?

Nee. MC351 is niet opgenomen in bijlage I van de Habitatrichtlijn. Er rust dus geen juridische verplichting op de lidstaten om speciaal voor dit type Habitatrichtlijngebieden aan te wijzen of de staat van instandhouding ervan volgens artikel 17 te rapporteren.

Hoe sterk is dit zeebodemhabitat bedreigd?

De Europese Rode Lijst classificeert MC351 als „Data Deficient” (onvoldoende gegevens), zowel in de EU28- als in de EU28+-beoordeling. Er zijn te weinig data om een gevarencategorie toe te kennen.

Welke dieren en planten zijn karakteristiek voor MC351?

Kenmerkend zijn bijvoorbeeld het roodwier Gracilaria verrucosa, de brokkelster Ophiothrix fragilis, zeesterren zoals Asterias rubens, kolonievormende zakpijpen (Botryllus schlosseri) en in de onderste laag zeeveren (Veretillum cynomorium) en zakpijpen (Ciona intestinalis).

Kan men dit habitat in de tuin nabootsen?

Nee. MC351 is een marien, zoutwaterafhankelijk zeebodemhabitat dat in het natuurlijke kustmilieu onder bijzondere omstandigheden voorkomt. Nabootsing in de tuin of in zoetwatervijvers is niet mogelijk.

Quellen