Naar hoofdinhoud springen
EUNIS: MB143Europäische Rote Liste: Data DeficientFFH-Anhang I: 1160; 1170

Mytiliden-gedomineerde Pontische rotshabitats van de bovenste infralitorale zone met bladvormige algen – EUNIS MB143

Het habitattype MB143 omvat golfgeëxponeerde rotshabitats van de bovenste infralitorale zone in de Zwarte Zee, gedomineerd door Mytiliden (mosselen) en bladvormige algen (uitgezonderd Fucales). De bedreigingsstatus is volgens de Europese Rode Lijst beoordeeld als 'Data Deficient'. Het is beschermd als onderdeel van de FFH-habitattypen 1160 (Grote ondiepe kreken en baaien) en 1170 (Riffen).

Einordnung

Originalbezeichnung
Mytilid-dominated Pontic exposed upper infralittoral rock with foliose algae (other than Fucales)
EUNIS
MB143
EU-28
Data Deficient
EU-28+
Data Deficient
FFH-Anhang I
1160; 1170 – Large shallow inlets and bays; Reefs

In het kort

  • Habitattype: Rotsachtige zeebodem in ondiep water van de Zwarte Zee, gekenmerkt door mosselen en bladvormige algen.
  • EUNIS-code: MB143
  • Europese Rode Lijst: Data Deficient (onvoldoende gegevens) – een betrouwbare beoordeling van de bedreiging is momenteel niet mogelijk.
  • FFH-Annex I: Verwijzingen naar de beschermde habitattypen 1160 (Grote ondiepe kreken en baaien) en 1170 (Riffen).
  • Verspreiding: Uitsluitend in de biogeografische regio van de Zwarte Zee (BLS).
  • Diepte: Vanaf de laagwaterlijn tot circa 10 meter diepte.
  • Kenmerkend: Dichte bestanden van de Middellandse-Zeemossel (Mytilus galloprovincialis), vergezeld van bladvormige roodalgen zoals Ceramium ciliatum en bruinalgen zoals Padina pavonica.
  • Bijzonderheid: Winterstormen kunnen de soortensamenstelling en bedekking op korte termijn sterk veranderen.

Wat is het habitattype MB143?

Het EUNIS-habitattype MB143 beschrijft rotsachtige habitats in de bovenste infralitorale zone van de Pontische regio (Zwarte Zee). Deze gebieden zijn blootgesteld aan sterke golfslag. De rotsoppervlakken worden doorgaans bedekt door gemeenschappen van bladvormige algen – dat zijn algen met een bladachtige, vlakke vorm. Mosselen (Mytilidae) vormen een constant bestanddeel van deze gemeenschap en kunnen dichte mosselbanken vormen.

Het habitat strekt zich uit van de laagwaterlijn tot een diepte van ongeveer 10 meter. De mechanische belasting door golfslag leidt op deze geëxponeerde locaties tot een karakteristieke soortensamenstelling. Winterstormen kunnen tijdelijk hele algenbestanden wegrukken en zo de ruimtelijke verspreiding en bedekking van soorten verschuiven. Dit wordt beschouwd als een natuurlijk proces dat de dynamiek en structuur van het habitat mede bepaalt.

Voor dit habitattype zijn geen eenduidige Europese kwaliteitsindicatoren vastgesteld. Lokaal kunnen binnen Natura 2000-gebieden echter specifieke referentiewaarden zijn gedefinieerd aan de hand waarvan de staat van instandhouding wordt gemonitord.


Verspreiding en biogeografische regio

MB143 komt uitsluitend voor in de mariene biogeografische regio van de Zwarte Zee (EUNIS-code BLS). In de brongegevens worden geen afzonderlijke landen opgesomd, maar de verspreiding valt samen met de geëxponeerde rotskusten van het hele Pontische bekken, zoals langs de kusten van Bulgarije, Roemenië, Oekraïne, Turkije, Georgië en Rusland. Binnen Natura 2000-gebieden is dit habitattype geregistreerd als onderdeel van de Annex I-habitats 1160 en 1170.


Karakteristieke soorten

De levensgemeenschap wordt gedomineerd door ongewervelde filtervoeders en meerjarige algen. Tot de typische soorten behoren:

Mytilidae (mosselen):

  • Mytilus galloprovincialis (Middellandse-Zeemossel)
  • Mytilaster lineatus (een kleinere mosselsoort uit de Zwarte Zee)

Bladvormige roodalgen:

  • Ceramium ciliatum
  • Lophosiphonia obscura
  • Polysiphonia opaca

Bladvormige bruin- en groenalgen (geen Fucales):

  • Padina pavonica (pauwenveerwier)
  • Dilophus fasciola (syn. Dictyota fasciola)
  • Grateloupia dichotoma
  • Ulva compressa, Ulva intestinalis, Ulva linza (diverse soorten darmwier)

Het ontbreken van Fucales (bijvoorbeeld blaaswier) onderscheidt dit habitat van vergelijkbare golfgeëxponeerde rotshabitats die elders door bruinwieren worden gedomineerd.


Ecologische betekenis

De bovenste infralitorale zone is de pionierzone van de permanent onder water staande zeebodem. In deze dieptezone komen licht, nutriënten en mechanische verstoring samen. De mosselbanken stabiliseren de ondergrond, filteren grote hoeveelheden water en bieden leefruimte aan talrijke kleine dieren (amphipoden, borstelwormen). De bladvormige algen dienen als voedselbron en schuilplaats voor jonge vissen en ongewervelde dieren.

De natuurlijke dynamiek door stormen zorgt voor een mozaïekachtige verdeling van verschillende successiestadia. Hierdoor kan de soortenrijkdom op kleine oppervlakken hoog blijven zonder dat zich een permanente climaxgemeenschap vestigt.


Beschermingsstatus en bedreiging

Europese Rode Lijst van habitats

Het habitat MB143 wordt op de Europese Rode Lijst (EU28- en EU28+-beoordeling) vermeld als Data Deficient (DD) – onvoldoende gegevens. Voor een sluitende indeling in een bedreigingscategorie ontbreken toereikende kwantitatieve gegevens over vroegere en huidige areaalomvang, trends en kwaliteit. Het criterium voor de classificatie is in de brongegevens niet vermeld.

FFH-richtlijn (Annex I)

Het biotooptype is niet als zelfstandig FFH-habitattype opgenomen, maar staat via verwijzingen in nauwe relatie tot twee beschermde habitattypen:

  • 1160 – Grote ondiepe kreken en baaien
  • 1170 – Riffen

In de beheerplannen van Natura 2000-gebieden kunnen delen van dit habitat daarom in aanmerking worden genomen.

Artikel-17-rapportage (staat van instandhouding)

De staat van instandhouding volgens artikel 17 van de FFH-richtlijn is voor dit specifieke EUNIS-type niet in de brongegevens opgenomen. Omdat het type geen zelfstandig Annex I-habitat is, wordt het onder artikel 17 alleen indirect beoordeeld in het kader van de evaluatie van riffen (1170) en grote ondiepe kreken en baaien (1160).


Kenmerkenoverzicht MB143

KenmerkBeschrijving
EUNIS-codeMB143
NaamMytilid-dominated Pontic exposed upper infralittoral rock with foliose algae (other than Fucales)
HabitatgroepMariene rotshabitats van de infralitorale zone
DieptebereikLaagwaterlijn tot ca. 10 m
GolfexpositieSterk geëxponeerd
Dominante organismenMosselen (Mytilus galloprovincialis, Mytilaster lineatus) en bladvormige algen
Geografische beperkingZwarte Zee (biogeografische regio BLS)
Europese Rode LijstData Deficient (EU28 & EU28+)
FFH-Annex I-verwijzing1160 (Grote ondiepe kreken en baaien), 1170 (Riffen)
Artikel-17-statusIn de brongegevens niet vermeld
KwaliteitsindicatorenGeen eenduidige Europese afspraken; lokaal binnen Natura 2000-gebieden mogelijk
Natuurlijke verstoringenWinterstormen veroorzaken veranderingen in soortensamenstelling en bedekking

Uitdagingen en bedreigingen

In de brongegevens worden voor dit habitattype geen specifieke bedreigingen opgesomd. Op basis van algemene kennis over de Zwarte Zee kunnen echter potentiële drukfactoren worden afgeleid die voor geëxponeerde infralitorale rotshabitats relevant kunnen zijn:

  • Eutrofiëring: Nutriëntaanvoer vanuit landbouw en nederzettingen kan algenbloei en veranderingen in de soortensamenstelling bevorderen.
  • Kustbebouwing en havenaanleg: Verandering van golfexpositie en sedimentdynamiek door bouwwerken langs de kust.
  • Invasieve soorten: De Zwarte Zee is een hotspot voor geïntroduceerde soorten (bijvoorbeeld de gevlamde stekelhoorn, Rapana venosa), die mosselbanken kunnen decimeren.
  • Klimaatverandering: Stijgende watertemperaturen en veranderende stormfrequenties kunnen de habitatstructuur beïnvloeden.

Omdat de gegevens ontoereikend zijn, zijn betrouwbare uitspraken over bedreiging en trends momenteel niet mogelijk. Dit onderstreept de noodzaak van gerichte karteringen en monitoringprogramma’s voor deze Pontische endemische habitat.


Betekenis voor natuurbescherming en beheer

Hoewel MB143 niet als een eigen FFH-habitattype wordt gevoerd, is het relevant als onderdeel van de grootschaligere habitats 1160 en 1170. In Natura 2000-gebieden in de Zwarte Zee kan het behoud van zijn karakteristieke mossel- en algenbestanden een concreet beschermingsdoel zijn dat via lokale referentiewaarden wordt gemonitord.

Voor communicatieve doeleinden biedt deze habitat een goed voorbeeld van hoe beoordelingsrelevante gegevens kunnen ontbreken, hoewel het biotoop ecologisch goed beschreven is. Daarnaast toont het de uniciteit van de Pontische regio, die zich biogeografisch en floristisch duidelijk onderscheidt van mediterrane of Atlantische rotskusten.


FAQ

1. Wat betekent de classificatie ‘Data Deficient’ voor deze habitat?

‘Data Deficient’ (onvoldoende gegevens) betekent dat de beschikbare informatie niet toereikend is om de mate van bedreiging volgens de criteria van de Europese Rode Lijst te beoordelen. Er kan noch een classificatie als bedreigd, noch als niet-bedreigd worden vastgesteld. Dit geeft aan dat er behoefte aan onderzoek is en zegt niets over de daadwerkelijke toestand.

2. Welke karakteristieke soorten bepalen MB143?

Kenmerkend zijn mosselen zoals Mytilus galloprovincialis en Mytilaster lineatus en bladvormige algen, waaronder de roodalgen Ceramium ciliatum en Lophosiphonia obscura en het pauwenveerwier Padina pavonica. Karakteristiek is het ontbreken van grote bruinalgen van de orde Fucales.

3. In welk geografisch gebied komt dit habitattype voor?

De habitat is strikt beperkt tot de biogeografische regio van de Zwarte Zee (BLS). In de brongegevens zijn geen afzonderlijke landen opgesomd, maar het komt voor langs geëxponeerde rotskusten van alle Pontische oeverstaten.

4. Hoe is de beschermingsstatus volgens de FFH-richtlijn?

MB143 is niet als zelfstandig FFH-habitattype in Annex I opgenomen. Via verwijzingen wordt het echter geassocieerd met de beschermde habitattypen 1160 (Grote ondiepe kreken en baaien) en 1170 (Riffen). In Natura 2000-gebieden kan het behoud van zijn typische soorten en structuren een beschermingsdoel zijn.

5. Welke ecologische rol spelen de mosselbanken in deze habitat?

De mosselbanken stabiliseren de rotsbodem, filteren plankton en zwevend materiaal uit het water en creëren microstructuurrijke leefgebieden voor een groot aantal kleine dieren. Ze vormen de biogene basis waarop bladvormige algen en de geassocieerde fauna zich vestigen.

Häufige Fragen

Wat betekent de classificatie ‘Data Deficient’ voor deze habitat?

‘Data Deficient’ betekent dat de beschikbare gegevens niet toereikend zijn om de mate van bedreiging volgens de criteria van de Europese Rode Lijst te beoordelen.

Welke karakteristieke soorten bepalen MB143?

Kenmerkend zijn mosselen zoals *Mytilus galloprovincialis* en *Mytilaster lineatus* en bladvormige algen zoals *Ceramium ciliatum*, *Lophosiphonia obscura* en het pauwenveerwier *Padina pavonica*.

In welk geografisch gebied komt dit habitattype voor?

De habitat is strikt beperkt tot de biogeografische regio van de Zwarte Zee (BLS). In de brongegevens zijn geen afzonderlijke landen opgesomd.

Hoe is de beschermingsstatus volgens de FFH-richtlijn?

MB143 is geen zelfstandig FFH-habitattype, maar wordt geassocieerd met de Annex I-typen 1160 (Grote ondiepe kreken en baaien) en 1170 (Riffen).

Welke ecologische rol spelen de mosselbanken in deze habitat?

De mosselbanken stabiliseren de ondergrond, filteren water en creëren structuurrijke leefgebieden voor veel kleine dieren, waarop de algengemeenschap zich ontwikkelt.

Quellen