Naar hoofdinhoud springen
EUNIS: MA141Europäische Rote Liste: Data DeficientFFH-Anhang I: 1160; 1170

Pontische supralitorale rots (MA141) – Een habitat van de spatzone

De Pontische supralitorale rots (MA141) is een mariene habitat van de supralitorale zone (0–5 m diepte) op rotskusten. Kenmerkend zijn gele korstmossen en cyanobacteriën in het bovenste deel en zwarte korstmossoorten, alikruiken, zeepokken en pissebedden in het onderste deel. Op de Europese Rode Lijst van Habitats staat deze als 'Data Deficient' (onvoldoende gegevens).

Einordnung

Originalbezeichnung
Pontic supralittoral rock
EUNIS
MA141
EU-28
Data Deficient
EU-28+
Data Deficient
FFH-Anhang I
1160; 1170 – Large shallow inlets and bays; Reefs

Het belangrijkste op een rij

  • Habitattype: Rotsachtig marien habitat van de supralitorale zone (spatzone)
  • EUNIS-code: MA141 (Pontic supralittoral rock / Pontische supralitorale rots)
  • Habitatrichtlijnrelatie: Kan overlappen met de Annex I-habitattypen 1160 (Grote ondiepe baaien en zeearmen) en 1170 (Riffen)
  • Rode Lijst-status: 'Data Deficient' – de gegevens volstaan niet voor een gedegen risicoanalyse
  • Biogeografische regio: Zwarte Zee (BLS)
  • Karakteristieke soorten: Cyanobacteriën, algen, korstmossen (Xanthoria, Caloplaca, Verrucaria), alikruik Melaraphe neritoides, klipassel Ligia italica, zeepok Chthamalus stellatus

Wat is de Pontische supralitorale rots (MA141)?

De Pontische supralitorale rots vormt een smalle, harde kuststrook die besproeid wordt door zoute spray en af en toe door brandingsgolven, maar nooit permanent onder water staat. Volgens de Europese EUNIS-classificatie valt dit habitat onder code MA141. Het omvat het rotsoppervlak en spleten in het hoogtebereik van ongeveer 0 tot 5 meter waterdiepte (ten opzichte van het onderste supralitoraal).

De Nederlandse naam 'Pontische supralitorale rots' verwijst naar zijn verspreiding in het Pontische bekken (Zwarte Zee) en naar de ecologische zone die bekendstaat als het supralitoraal. Typerend is een duidelijke zonering: in het bovenste deel overheersen gele korstmossen en draadvormige cyanobacteriën, in het onderste deel zwarte korstmossoorten, weekdieren en kreeftachtigen. Op plekken met zoetwaterinstroom of verhoogde nitraatbelasting kunnen groenalgen en cyanobacteriënfilms gaan domineren.

EUNIS-classificatie en systematische indeling

KenmerkDetail
EUNIS-codeMA141
EUNIS-naamniet gespecificeerd in de brongegevens
Projectcode (Rode Lijst)A1.15
HabitatgroepMarien (marine)
Toegewezen Annex I-habitattypen1160 – Grote ondiepe baaien en zeearmen (#), 1170 – Riffen (#)
Biogeografische regioBLS (Zwarte Zee)
DieptezoneSupralitoraal (spatzone, ca. 0–5 m)

Het symbool '#' bij de koppelingen met de Habitatrichtlijn geeft aan dat het habitat MA141 niet volledig of uitsluitend een deelverzameling van de genoemde Annex I-typen vormt, maar er slechts gedeeltelijk mee overlapt. Een rechtstreekse 1:1-beschermingsstatus via de Habitatrichtlijn is hieruit niet af te leiden.

Ecologie en karakteristieke soorten

Het habitat wordt in hoge mate bepaald door de wisselwerking tussen gesteente, zout water, licht en geringe nutriëntentoevoer. De typische levensgemeenschap is grofweg in drie groepen te verdelen:

Micro-organismen en korstmossen

  • Cyanobacteriën: Lyngbya lutea, L. semiplena, L. confervoides – zij vormen bij vocht (bijv. na golfklappen) de typische olijfgroene slijmlaag.
  • Gele tot oranje korstmossen: Soorten uit de geslachten Xanthoria en Caloplaca bepalen het beeld van de hoger gelegen, vaker droge zone.
  • Zwarte korstmossen: Verrucaria spp. en verwante taxa overkorsten het lagere, vaker natte deel.
  • Overige cyanobacteriën: Calothrix spp., Brachytrichia spp.

Algen

  • Feldmannia irregularis
  • Urospora penicilliformis
  • Bij zoetwaterinvloed of nutriëntenverrijking kunnen groenalgenmatten zich sterk uitbreiden.

Ongewervelde dieren

  • Alikruik (Melaraphe neritoides, Littorinidae)
  • Klipassel (Ligia italica)
  • Zeepok (Chthamalus stellatus)
  • Soms de landslak Myosotella myositis onder stenen.

Bedreiging en Europese Rode Lijst

De officiële Europese Rode Lijst van Habitats (EEA, 2022) beoordeelt de Pontische supralitorale rots voor de EU28- en EU28+-gebieden als Data Deficient (DD) – dat wil zeggen: onvoldoende gegevens. Dit betekent:

  • Er is onvoldoende kwantitatieve of dekkende informatie om een indeling in een risicocategorie (bijv. 'bedreigd' of 'niet bedreigd') te kunnen maken.
  • Bijzondere actiebehoefte kan noch worden bevestigd, noch worden uitgesloten.
  • Gerichte inventarisaties in de Zwarte Zee zijn nodig om in de toekomst een betrouwbare beoordeling mogelijk te maken.

Een Artikel-17-rapport (staat van instandhouding) is in de voor dit artikel gebruikte brongegevens voor MA141 niet aanwezig.

Relatie met de Habitatrichtlijn: Annex I en mariene bescherming

Het habitat MA141 wordt in de officiële crosswalks van de EEA gekoppeld aan de Annex I-habitattypen 1160 (Grote ondiepe baaien en zeearmen) en 1170 (Riffen). Beide typen vallen onder de bescherming van de Habitatrichtlijn en maken deel uit van het Natura 2000-netwerk. Omdat de koppeling echter met een '#' (niet volledig congruent) is aangegeven, geldt:

  • Een rotslocatie die aan de criteria van MA141 voldoet, kan, afhankelijk van de plaatselijke situatie, deel uitmaken van een beschermd habitat (bijv. een rif), maar dat is niet automatisch het geval.
  • Voor het beheer in de Zwarte Zee betekent dit dat bestaande beschermingsgebieden de supralitorale rotszoom actief moeten registreren en de bijdrage ervan aan de biodiversiteit moeten documenteren.

Kwaliteitsindicatoren voor een goede toestand

De Europese Rode Lijst van Habitats noemt meerdere indicatoren waarmee de kwaliteit van de Pontische supralitorale rots kan worden gemeten:

  • Aanwezigheid van indicatorsoorten: Het voorkomen van de alikruik Melaraphe neritoides, de klipassel Ligia italica en de zeepok Chthamalus stellatus wijst op intacte structuren.
  • Hoge dichtheden van deze drie soorten duiden op stabiele populaties en geringe mechanische of chemische verstoringen.
  • Soortensamenstelling: Een evenwichtig mozaïek van korstmossen, cyanobacteriën en ongewervelde dieren zonder dominantieverschuiving naar groenalgen (als teken van nutriëntenbelasting) kenmerkt een goede staat van instandhouding.

Biogeografische regio

MA141 is naar de huidige stand van kennis uitsluitend toegewezen aan de biogeografische regio BLS (Black Sea, Zwarte Zee). Concrete landgegevens ontbreken in de onderliggende datasets. De natuurlijke barrière van de Bosporus en de aangrenzende Middellandse Zee scheidt dit Pontische habitat van andere zeeregio's.

Betekenis voor de biodiversiteit

Hoewel de Pontische supralitorale rots op het eerste gezicht kaal oogt, is het een microkosmos van nauw met elkaar verbonden specialisten. Korstmossen en cyanobacteriën vormen de nutriëntenbasis voor grazers zoals de alikruik. De asselachtige klipkeverslakken en zeepokken koloniseren de beschutte spleten en holten en dienen op hun beurt als voedselbasis voor kustvissen en vogels. Bovendien is het habitat een schakel tussen terrestrische en mariene ecosystemen: het markeert de uiterst dynamische overgang van land naar zee en draagt bij aan de kustlijnstructuur, erosiebestendigheid en landschappelijke diversiteit van de Zwarte Zee.

Veelgestelde vragen (FAQ)

  1. Wat betekent de term 'supralitoraal'?
    Het supralitoraal (ook spatzone genoemd) is de oeverzone boven de gemiddelde hoogwaterlijn die alleen door opspattend water, spray of brandingsgolven met zeewater in contact komt. Rotsbiotopen in dit bereik zijn extreem zouttolerant, maar staan soms bijna droog.

  2. Waarom staat het habitat op de Rode Lijst als 'Data Deficient'?
    Er zijn onvoldoende gegevens over verspreiding, oppervlakte, trends of concrete bedreigingen. Een indeling in een risicocategorie zou daarom speculatief zijn.

  3. Welke typische soorten komen voor in de Pontische supralitorale rots?
    Kenmerkend zijn cyanobacteriën (bijv. Lyngbya lutea), korstmossen (bijv. Xanthoria, Caloplaca, Verrucaria), algen (Feldmannia irregularis, Urospora penicilliformis) en de slak Melaraphe neritoides, de pissebed Ligia italica en de zeepok Chthamalus stellatus.

  4. In welke biogeografische regio komt MA141 voor?
    Uitsluitend in de regio BLS (Black Sea, Zwarte Zee). Gegevens over afzonderlijke landen zijn niet opgenomen in de gebruikte bron.

  5. Welke diersoorten wijzen op een goede habitatkwaliteit?
    De aanwezigheid en een hoge dichtheid van de alikruik Melaraphe neritoides, de klipassel Ligia italica en de zeepok Chthamalus stellatus gelden als positieve kwaliteitsindicator.

Bronnen


Opmerking: Dit artikel is gebaseerd op het uitgebreide Europese Rode Lijst-pakket 2022 van de EEA en de daar vermelde bronnen. Landgegevens, concrete staat van instandhouding (Artikel 17) of regionale risicobeoordelingen zijn niet toegevoegd voor zover deze in de brondataset ontbreken.

Häufige Fragen

Wat betekent de term 'supralitoraal'?

Het supralitoraal (ook spatzone genoemd) is de oeverzone boven de gemiddelde hoogwaterlijn die alleen door opspattend water, spray of brandingsgolven met zeewater in contact komt.

Waarom staat het habitat op de Rode Lijst als 'Data Deficient'?

Er zijn onvoldoende kwantitatieve of dekkende gegevens om de risicostatus te bepalen. Een betrouwbare indeling is daarom niet mogelijk.

Welke typische soorten komen voor in de Pontische supralitorale rots?

Cyanobacteriën zoals Lyngbya lutea, korstmossen uit de geslachten Xanthoria, Caloplaca en Verrucaria, algen zoals Feldmannia irregularis en ongewervelde dieren: Melaraphe neritoides, Ligia italica en Chthamalus stellatus.

In welke biogeografische regio komt MA141 voor?

Uitsluitend in de regio 'Zwarte Zee' (BLS). Concrete landgegevens ontbreken in de onderliggende data.

Welke diersoorten wijzen op een goede habitatkwaliteit?

De aanwezigheid en hoge dichtheden van de alikruik Melaraphe neritoides, de klipassel Ligia italica en de zeepok Chthamalus stellatus gelden als teken van een goede toestand.

Quellen