Afbeelding volgtAI-gegenereerde illustratieAlchemilla filicaulis var. vestita
Alchemilla filicaulis var. vestita valt op door de karakteristiek gevouwen, zacht behaarde bladeren. Als inheemse soort is deze plant aangepast aan het lokale klimaat en fungeert als een robuuste bodembedekker met een hoogte van 0,11 m. De plant draagt bij aan de structuur van de vegetatie en verspreidt zich via lichte zaden.
Inheemse bodembedekker van 11 cm hoog, geschikt voor natuurlijke vegetatie.
De ecologische waarde van Alchemilla filicaulis var. vestita ligt in de functie als inheemse bodembedekker. De lichte zaden (0,46 mg) maken efficiënte verspreiding door de wind mogelijk. De plant vormt een vesiculair-arbusculaire mycorrhiza, wat bijdraagt aan het bodemnetwerk. Met een bladoppervlak van 1206,0 mm² biedt de plant beschutting aan bodemorganismen en helpt zij de bodemvochtigheid door beschaduwing te behouden.
De plant is niet geclassificeerd als veilig voor consumptie door kinderen. Voorkom dat plantendelen in de mond worden gestoken. Neem bij inname of twijfel over onverdraagzaamheid contact op met een antigifcentrum.
Licht
—
Vochtigheid
—
Bodem
—
Bloeitijd
—
Groeivorm
Krautige Pflanze
Verhouting
Nicht verholzt
Bladtype
Breitblättrig
Planthoogte
0.113 m
Morfologische kenmerken: TRY ID3 (CC BY 3.0) & TRY ID81 (CC BY)
Planttijd: bij voorkeur in het voorjaar (maart tot mei) of in het najaar (september tot november), mits de bodem vorstvrij is.
Standplaats: zonnig tot halfschaduw.
Bodem: matig vochtig. Een gezonde bodembiologie is van belang voor de vorming van mycorrhiza (symbiose met bodemschimmels).
Groeihoogte: 0,11 m.
Plantafstand: 15 tot 20 cm.
Vermeerdering: verspreidt zich zelfstandig via lichte zaden (0,4583 mg) die door de wind worden verspreid.
Onderhoud: het verwijderen van verwelkte bladeren in de nazomer kan de vitaliteit bevorderen.
Combinatie: Campanula rotundifolia is een geschikte begeleidende soort met vergelijkbare standplaatseisen.
Alchemilla filicaulis var. vestita behoort tot de rozenfamilie (Rosaceae) en is een vaste, kruidachtige plant die inheems is in delen van Centraal-Europa. De natuurlijke habitat bestaat uit matig vochtige weiden en graslanden. Een opvallend kenmerk is het bladoppervlak van 1206,0 mm², waarbij de fijne beharing (vestita) waterdruppels vasthoudt. De plant overwintert in de bodem en loopt jaarlijks opnieuw uit.
•FloraWeb / BfN
•GBIF Backbone Taxonomy — GBIF Secretariat (2024), DOI: 10.15468/39omei (CC BY 4.0)
•TRY Categorical Traits (ID3) — Kattge et al. (2012), DOI: 10.17871/TRY.3 (CC BY 3.0)
•TRY Global Spectrum (ID81) — Díaz et al. (2016/2021), DOI: 10.17871/TRY.81 (CC BY)
Alle data zijn gelicentieerd onder CC BY 4.0, CC0 of compatibel. Naamsvermelding volgens licentievoorwaarden. Volledig bronnenoverzicht →