
Armeria maritima subsp. elongata
Armeria maritima subsp. elongata kenmerkt zich door bolvormige, roze bloemhoofdjes op opgaande, bladloze stengels boven dichte, grasachtige pollen. De smalle, wintergroene bladeren vormen compacte horsten. Deze ondersoort staat op de Duitse Rode Lijst (categorie V) en is een specialist voor schrale standplaatsen. De plant gedijt op zonnige, droge locaties met zandige bodems.
Robuuste schoonheid van de Rode Lijst – ideaal voor zonnige zandplekken.
Armeria maritima subsp. elongata is een kenmerkende soort voor bedreigde zandhabitats. Vanwege de status op de Duitse Rode Lijst (categorie V) is behoud van belang voor de biodiversiteit. De plant stabiliseert losse zandbodems door een diepe beworteling en mycorrhiza-symbiose. Als voorzomerbloeier biedt de plant voedsel in bloemenarme zandgebieden.
Contact met plantendelen of consumptie kan bij gevoelige personen irritaties veroorzaken. Zorg ervoor dat kleine kinderen niet aan de pollen knabbelen.
Licht
Sonne
Vochtigheid
Trocken
Bodem
Schwachzehrer (Magerer Boden)
Bloeitijd
Jun – Sep
Bodemreactie
Mäßig sauer bis neutral
Bioregio
Continental
Groeivorm
Krautige Pflanze
Verhouting
Nicht verholzt
Bladtype
Breitblättrig
Planthoogte
0.156 m
Morfologische kenmerken: TRY ID3 (CC BY 3.0) & TRY ID81 (CC BY)
Standplaats: Kies een plek in de volle zon.
Bodem: De bodem moet schraal en goed doorlatend zijn; zandgrond is ideaal.
Vochtigheid: Droge standplaatsen zijn perfect; vermijd wateroverlast.
Planttijd: Planten in het voorjaar (maart tot mei) of in het najaar (september tot november), zolang de bodem niet bevroren is.
Onderhoud: Bemesting is niet nodig.
Vermeerdering: Het delen van de pollen na enkele jaren behoudt de vitaliteit.
Snoei: Uitgebloeide bloemen kunnen worden verwijderd; de wintergroene bladeren blijven het hele jaar staan.
Combinatie: Geschikt voor aanplant met Dianthus deltoides of Jasione montana.
Armeria maritima subsp. elongata behoort tot de familie Plumbaginaceae. De plant is inheems in Duitsland en komt van nature voor in zandige graslanden (voedselarme, zandige open terreinen) in het binnenland. Een bijzonderheid is de symbiose met AM-mycorrhiza, bodemschimmels die de plant helpen om onder extreme omstandigheden voedingsstoffen op te nemen.
•Baden-Böhm F, App M, Thiele J (2022) — The FloRes Database: A floral resources trait database for pollinator habitat-assessment generated by a multistep workflow. Johann Heinrich von Thünen-Institut, Dryad, DOI: 10.5061/dryad.djh9w0w29 (CC0)
•FloraWeb / BfN
•EIVE 1.0 — Dengler et al. (2023), DOI: 10.3897/VCS.98324 (CC BY 4.0)
•GBIF Backbone Taxonomy — GBIF Secretariat (2024), DOI: 10.15468/39omei (CC BY 4.0)
•TRY Categorical Traits (ID3) — Kattge et al. (2012), DOI: 10.17871/TRY.3 (CC BY 3.0)
•TRY Global Spectrum (ID81) — Díaz et al. (2016/2021), DOI: 10.17871/TRY.81 (CC BY)
•Checklist Alien Plants Belgium — Verloove F (2023), Botanic Garden Meise (CC BY 4.0)
•Govaerts R et al. (2025) — World Checklist of Vascular Plants (WCVP) v14. Royal Botanic Gardens, Kew. DOI: 10.34885/xs7h-ze42 (CC BY 4.0)
•Foto: © Adobe Stock / AdobeStock_1522080728
Alle data zijn gelicentieerd onder CC BY 4.0, CC0 of compatibel. Naamsvermelding volgens licentievoorwaarden. Volledig bronnenoverzicht →