Afbeelding volgtAI-gegenereerde illustratieAstrantia major subsp. major
Astrantia major subsp. major is herkenbaar aan de opvallende bloemschermen, omringd door een krans van stevige, vaak roodachtig aangelopen schutbladen. Deze inheemse vaste plant gedijt in de halfschaduw en draagt bij aan de regionale biodiversiteit. De plant is aangepast aan het lokale klimaat en groeit goed in normale, verse tuingrond.
Inheemse elegantie voor de halfschaduw: robuust en langlevend.
Als inheemse soort vormt Astrantia major subsp. major een vast onderdeel van het regionale ecosysteem. De familie van de schermbloemigen (Apiaceae) biedt met haar openliggende nectar een toegankelijke voedselbron voor diverse bestuivers. De aanplant ondersteunt de genetische diversiteit van de inheemse flora. In de winter bieden de uitgebloeide stengels bovendien beschutting voor kleine tuinbewoners.
Astrantia major subsp. major is niet veilig voor consumptie. De plant bevat stoffen die bij inname ongemak kunnen veroorzaken; houd de plant daarom buiten het bereik van kleine kinderen. Vanwege de unieke bloemstructuur is verwarring met sterk giftige schermbloemigen voor ervaren tuiniers vrijwel uitgesloten.
Licht
Halbschatten
Vochtigheid
Frisch (Mäßig feucht)
Bodem
Mittelzehrer (Normaler Boden)
Bloeitijd
Jun – Aug
Bodemreactie
Basisch / Kalkhold
Bioregio
Continental
Groeivorm
Krautige Pflanze
Verhouting
Nicht verholzt
Bladtype
Breitblättrig
Planthoogte
0.437 m
Morfologische kenmerken: TRY ID3 (CC BY 3.0) & TRY ID81 (CC BY)
Een standplaats in de halfschaduw is ideaal om de plant tegen de felle middagzon te beschermen.
De bodem dient vers (matig vochtig) te zijn; wateroverlast moet worden vermeden.
Als matige voedselbehoevende volstaat een normale, humusrijke tuingrond.
De beste planttijd is tussen maart en mei of in het najaar van september tot november.
Voorkom dat de bodem tijdens droge zomermaanden volledig uitdroogt.
Het terugsnoeien van uitgebloeide stengels tot aan de grond kan een tweede bloei in de nazomer stimuleren.
Vermeerdering is eenvoudig mogelijk door de wortelstok in het vroege voorjaar te delen.
In de winter trekt de plant zich terug in de bodem en is geen extra bescherming nodig.
Geschikte partner: Aruncus dioicus is een uitstekende begeleidende plant, aangezien beide vergelijkbare eisen stellen aan schaduw en bodemvochtigheid.
Astrantia major subsp. major behoort tot de familie van de schermbloemigen (Apiaceae). De soort is inheems in delen van Europa en komt van nature voor in bergweiden en lichte bossen. Kenmerkend zijn de handvormig gedeelde bladeren en de karakteristieke hoofdjesvormige bloemschermen. De plant groeit in pollen en bereikt een hoogte van ongeveer 30 tot 90 centimeter.
•FloraWeb / BfN
•EIVE 1.0 — Dengler et al. (2023), DOI: 10.3897/VCS.98324 (CC BY 4.0)
•GBIF Backbone Taxonomy — GBIF Secretariat (2024), DOI: 10.15468/39omei (CC BY 4.0)
•TRY Categorical Traits (ID3) — Kattge et al. (2012), DOI: 10.17871/TRY.3 (CC BY 3.0)
•TRY Global Spectrum (ID81) — Díaz et al. (2016/2021), DOI: 10.17871/TRY.81 (CC BY)
•Checklist Alien Plants Belgium — Verloove F (2023), Botanic Garden Meise (CC BY 4.0)
Alle data zijn gelicentieerd onder CC BY 4.0, CC0 of compatibel. Naamsvermelding volgens licentievoorwaarden. Volledig bronnenoverzicht →