Afbeelding volgtAI-gegenereerde illustratieBergenia crassifolia
1
Soorten
interageren
1
Interacties
gedocumenteerd
1
Gastheerrelaties
Soorten
Bergenia crassifolia kenmerkt zich door grote, leerachtige en glanzende bladeren die het gehele jaar groen blijven. Met een hoogte van 0,4 m vormt de plant dichte tapijten. Voor de natuurlijke tuin is de soort van waarde als rupswaardplant voor de gele tijbeer (Spilosoma luteum). De vroege bloei vanaf april biedt een vroege bron voor insecten.
Wintergroene plant van 0,4 m hoogte, fungeert als rupswaardplant voor de gele tijbeer.
Klikken markeert verbindingen · Nogmaals klikken opent de soortpagina
Ecologisch netwerk laden…
Van april tot juni fungeert Bergenia crassifolia als vroege nectarplant voor bestuivers. De bladeren dienen als rupswaardplant voor de gele tijbeer (Spilosoma luteum). Door de wintergroene rozetten biedt de plant het gehele jaar beschutting voor bodemorganismen en draagt zij bij aan bodemkoeling en erosiepreventie op hellingen.
Bergenia crassifolia is niet veilig voor consumptie. De plant bevat stoffen zoals arbutine die bij inname van grotere hoeveelheden maag- en darmklachten kunnen veroorzaken. Houd de plant buiten bereik van kinderen en huisdieren. Raadpleeg bij accidentele inname direct een arts of het antigifcentrum.
Licht
—
Vochtigheid
—
Bodem
—
Bloeitijd
Apr – Jun
Groeivorm
Krautige Pflanze
Verhouting
Nicht verholzt
Bladtype
Breitblättrig
Planthoogte
0.4 m
Morfologische kenmerken: TRY ID3 (CC BY 3.0) & TRY ID81 (CC BY)
Standplaats: Halfschaduw tot zonnig.
Bodem: Humusrijke, matig vochtige bodem zonder wateroverlast.
Planttijd: Voorjaar (maart tot mei) of najaar (september tot november).
Hoogte: 0,4 m.
Plantafstand: Circa 35 cm, vanwege de uitbreiding via rhizomen.
Onderhoud: Uitgebloeide stengels in juni terugsnoeien.
Winter: Bladeren in de winter laten staan als vorstbescherming voor de wortelstok.
Combinatie: Fragaria vesca is een geschikte partner voor vergelijkbare standplaatsen.
Bergenia crassifolia behoort tot de familie Saxifragaceae en de orde Saxifragales. De soort is inheems in de berggebieden van Centraal-Azië en groeit daar in rotsachtige habitats of aan bosranden. De plant vormt een wortelstok (rhizoom), waaruit vlezige, breedbladige rozetten ontspringen. Als kruidachtige plant bereikt zij een hoogte van 0,4 m en is zij winterhard.
1 soorten gebruiken deze plant als gastheer
•Cook et al. (2025) UK Butterfly & Moth Traits (DOI: 10.5285/dbc7cc17-cbbd-49dd-bab4-8e8855768d66)
•GBIF Backbone Taxonomy — GBIF Secretariat (2024), DOI: 10.15468/39omei (CC BY 4.0)
•TRY Categorical Traits (ID3) — Kattge et al. (2012), DOI: 10.17871/TRY.3 (CC BY 3.0)
•TRY Global Spectrum (ID81) — Díaz et al. (2016/2021), DOI: 10.17871/TRY.81 (CC BY)
•Checklist Alien Plants Belgium — Verloove F (2023), Botanic Garden Meise (CC BY 4.0)
•Govaerts R et al. (2025) — World Checklist of Vascular Plants (WCVP) v14. Royal Botanic Gardens, Kew. DOI: 10.34885/xs7h-ze42 (CC BY 4.0)
Alle data zijn gelicentieerd onder CC BY 4.0, CC0 of compatibel. Naamsvermelding volgens licentievoorwaarden. Volledig bronnenoverzicht →