Afbeelding volgtAI-gegenereerde illustratieBunias orientalis
40
Soorten
interageren
87
Interacties
gedocumenteerd
1
Gastheerrelaties
Soorten
Bunias orientalis valt op door de felgele bloeiwijzen en de karakteristieke, wrattige hauwtjes. Deze robuuste plant vormt een verbinding tussen het vroege en late zomerseizoen. Wilde bijen, zoals de tweekleurige behangersbij (Osmia bicolor) en de asbij (Andrena cineraria), bezoeken de plant vanwege het rijke aanbod aan nectar. Op een zonnige standplaats met een normale bodem draagt de soort bij aan de lokale biodiversiteit.
Felgele bloei voor gespecialiseerde wilde bijen.
Klikken markeert verbindingen · Nogmaals klikken opent de soortpagina
Ecologisch netwerk laden…
Bunias orientalis fungeert als nectarplant voor diverse insecten. Regelmatige bezoekers zijn onder meer Lasioglossum costulatum en Halictus tumulorum. Ook vlinders zoals de kleine vos (Aglais urticae) maken intensief gebruik van de bloeiperiode van mei tot augustus. De zaden (diasporen) wegen 25,38 mg, waardoor de vermeerdering kleinschalig verloopt. In de winter bieden de uitgebloeide stengels structuur en beschutting voor kleine organismen.
Bunias orientalis is niet kindvriendelijk. In huishoudens met kleine kinderen dient de plant op een niet-toegankelijke plek te worden geplaatst. Er zijn geen specifieke giftigheidsmeldingen bekend bij normaal contact.
Licht
Sonne
Vochtigheid
Frisch (Mäßig feucht)
Bodem
Mittelzehrer (Normaler Boden)
Bloeitijd
Mai – Aug
Bodemreactie
Basisch / Kalkhold
Bioregio
Continental
Groeivorm
Krautige Pflanze
Verhouting
Nicht verholzt
Bladtype
Breitblättrig
Planthoogte
0.592 m
Morfologische kenmerken: TRY ID3 (CC BY 3.0) & TRY ID81 (CC BY)
Standplaats: Volle zon (lichtwaarde 7).
Bodem: Normale, matig voedselrijke bodem zonder wateroverlast.
Vochtigheid: De bodem dient vers te zijn, met een matige vochtigheidsgraad (vochtwaarde 5).
Bodemwaarde: Voorkeur voor kalkrijke of basische bodems (reactiewaarde 8).
Planttijd: Voorjaar (maart tot mei) of najaar vóór de eerste vorst.
Ruimtebehoefte: Houd rekening met een hoogte van exact 0,59 m.
Onderhoud: Terugsnoeien na de bloei voorkomt ongecontroleerde uitzaaiing in het volgende jaar.
Plantpartners: Salvia pratensis is een geschikte partner vanwege vergelijkbare eisen aan kalk en zonlicht.
Bunias orientalis behoort tot de familie van de kruisbloemigen (Brassicaceae). In Duitsland, Oostenrijk en Zwitserland wordt de soort beschouwd als een gevestigde neofyt die zich bij voorkeur verspreidt op ruderale terreinen en langs wegbermen. Met een groeihoogte van 0,59 m en breedbladige rozetten neemt de plant specifieke niches in. De zaden wegen circa 25 mg, wat leidt tot verspreiding over korte afstanden.
37 soorten interageren met deze plant
2 andere soorten bezoeken de bloemen
•EuPPollNet (Zenodo 10.5281/zenodo.14747448)
•EuPPollNet (CC BY 4.0) – Hervías-Parejo et al. 2023, Zenodo doi:10.5281/zenodo.7985884
•Interaktionsdaten via GloBI (CC-BY 4.0)
•FloraWeb / BfN
•EIVE 1.0 — Dengler et al. (2023), DOI: 10.3897/VCS.98324 (CC BY 4.0)
•GBIF Backbone Taxonomy — GBIF Secretariat (2024), DOI: 10.15468/39omei (CC BY 4.0)
•TRY Categorical Traits (ID3) — Kattge et al. (2012), DOI: 10.17871/TRY.3 (CC BY 3.0)
•TRY Global Spectrum (ID81) — Díaz et al. (2016/2021), DOI: 10.17871/TRY.81 (CC BY)
•Checklist Alien Plants Belgium — Verloove F (2023), Botanic Garden Meise (CC BY 4.0)
•Govaerts R et al. (2025) — World Checklist of Vascular Plants (WCVP) v14. Royal Botanic Gardens, Kew. DOI: 10.34885/xs7h-ze42 (CC BY 4.0)
Alle data zijn gelicentieerd onder CC BY 4.0, CC0 of compatibel. Naamsvermelding volgens licentievoorwaarden. Volledig bronnenoverzicht →