Afbeelding volgtAI-gegenereerde illustratieCarex gracilis
8
Soorten
interageren
9
Interacties
gedocumenteerd
Carex gracilis onderscheidt zich door lange, overhangende bladeren en diepbruine tot zwarte bloeiwijzen. Deze soort is een waardevolle toevoeging voor vochtige locaties, waar ze als rupswaardplant dient voor vlinders zoals het groot dikkopje (Ochlodes sylvanus). De plant vormt dichte pollen die beschutting bieden aan vogels. Door de symbiose met mycorrhiza-schimmels draagt de soort bij aan de bodembiologie langs de waterkant.
Belangrijke rupswaardplant voor dikkopjes en robuuste oeverbegroeiing.
Klikken markeert verbindingen · Nogmaals klikken opent de soortpagina
Ecologisch netwerk laden…
Carex gracilis is een essentiële rupswaardplant voor diverse vlindersoorten, waaronder het groot dikkopje (Ochlodes sylvanus) en het zwartsprietdikkopje (Thymelicus lineola). Ook soorten als het zilveren maan (Coenonympha hero) en het bont dikkopje (Lopinga achine) zijn afhankelijk van dergelijke bestanden. De zaden dienen in de winter als voedselbron voor zangvogels. De mycorrhiza-verbinding bevordert bovendien een gezond bodemleven in vochtige zones.
Carex gracilis is niet kindvriendelijk vanwege de scherpe bladranden, die bij aanraking snijwonden kunnen veroorzaken. De plant is niet giftig. Het dragen van handschoenen tijdens onderhoudswerkzaamheden wordt aanbevolen.
Licht
—
Vochtigheid
—
Bodem
—
Bloeitijd
—
Standplaats: zonnig tot halfschaduw.
Bodem: vochtig tot nat, met een Ellenberg-vochtigheidswaarde van 9 (natte, vaak overstroomde locaties).
Bodemtype: bij voorkeur zware, lemige grond met een matig tot hoog stikstofgehalte.
Planttijd: maart tot mei of september tot november, mits de bodem niet bevroren is.
Onderhoud: nauwelijks nodig; snoei pas in de late winter om de stengels als winterverblijf te behouden.
Vermeerdering: het beste door deling van de wortelstok in het voorjaar.
Ruimte: houd rekening met de vorming van uitlopers.
Combinatie: Iris pseudacorus deelt vergelijkbare standplaatseisen en vormt een goede structurele aanvulling langs de oever.
Carex gracilis behoort tot de familie van de cypergrassen (Cyperaceae) binnen de orde van de Poales. De soort komt voor in grote delen van Centraal-Europa en vestigt zich bij voorkeur in moerassen, verlandingszones en vochtige greppels. Een kenmerkend aspect is de driekantige stengel, typisch voor veel zeggesoorten. In tegenstelling tot echte grassen hebben zegges geen holle stengelknopen. De soort fungeert als pioniersoort in dynamische uiterwaarden.
1 video over Carex gracilis
8 soorten interageren met deze plant
•Middleton-Welling_2020
•GBIF Backbone Taxonomy — GBIF Secretariat (2024), DOI: 10.15468/39omei (CC BY 4.0)
•Govaerts R et al. (2025) — World Checklist of Vascular Plants (WCVP) v14. Royal Botanic Gardens, Kew. DOI: 10.34885/xs7h-ze42 (CC BY 4.0)
Alle data zijn gelicentieerd onder CC BY 4.0, CC0 of compatibel. Naamsvermelding volgens licentievoorwaarden. Volledig bronnenoverzicht →