Afbeelding volgtAI-gegenereerde illustratieCerinthe major
Cerinthe major valt op door de blauw-violette schutbladeren en de hangende, buisvormige bloemen. De plant bloeit van maart tot oktober. Als lid van de familie Boraginaceae is de soort een nectarplant voor diverse insecten. Met een hoogte van 0,4 m is de plant geschikt voor de voorgrond van borders.
Langdurige bloei op een hoogte van 0,4 meter: een opvallende verschijning van maart tot oktober.
Door de lange bloeiperiode van maart tot oktober fungeert Cerinthe major als nectarplant voor insecten. Als lid van de Boraginaceae is de soort potentieel aantrekkelijk voor diverse wilde bijen en hommels. De zaden hebben een relatief hoog gewicht (50,4 mg), wat wijst op verspreiding over korte afstand. In de winter kunnen de zaadstanden dienen als voedselbron voor vogels.
Cerinthe major is niet veilig voor consumptie. Plaats de plant buiten het bereik van kleine kinderen. Bij accidentele inname dient direct contact te worden opgenomen met een medische hulpdienst of het antigifcentrum.
Licht
—
Vochtigheid
—
Bodem
—
Bloeitijd
Mär – Okt
Nectarwaarde
2
Pollenwaarde
2
Groeivorm
Krautige Pflanze
Verhouting
Nicht verholzt
Bladtype
Breitblättrig
Planthoogte
0.4 m
Morfologische kenmerken: TRY ID3 (CC BY 3.0) & TRY ID81 (CC BY)
Standplaats: Volle zon voor voldoende licht en warmte.
Bodem: Goed doorlatend; vermijd wateroverlast.
Planttijd voorjaar: Maart tot mei, zodra er geen vorst meer wordt verwacht.
Planttijd najaar: September tot november, mits de bodem bewerkbaar is.
Plantafstand: 25 tot 30 cm voor een optimale ontwikkeling van de 0,4 m hoge plant.
Bemesting: Meestal niet nodig; op schrale bodems blijft de groei compacter en de kleur intenser.
Voortplanting: De zaden (50,4 mg) vallen nabij de moederplant en kiemen daar het volgende jaar.
Cerinthe major behoort tot de familie Boraginaceae en is een kruidachtige plant. De soort is inheems in het Middellandse Zeegebied en groeit daar op droge, warme locaties zoals xerotherme graslanden of wegbermen. Kenmerkend zijn de breedbladige, vaak blauwachtig berijpte bladeren die dakpansgewijs langs de stengel staan. De plant is aangepast aan warme zomerse omstandigheden en zaait zich op geschikte locaties zelf uit.
•EuPPollNet — Kuppler et al. (2025), DOI: 10.1111/geb.70000 (CC BY 4.0)
•Database of Pollinator Interactions (DoPI) — Pocock et al. (2022), DOI: 10.1002/ecy.3801 (CC BY)
•GBIF Backbone Taxonomy — GBIF Secretariat (2024), DOI: 10.15468/39omei (CC BY 4.0)
•TRY Categorical Traits (ID3) — Kattge et al. (2012), DOI: 10.17871/TRY.3 (CC BY 3.0)
•TRY Global Spectrum (ID81) — Díaz et al. (2016/2021), DOI: 10.17871/TRY.81 (CC BY)
•Checklist Alien Plants Belgium — Verloove F (2023), Botanic Garden Meise (CC BY 4.0)
Alle data zijn gelicentieerd onder CC BY 4.0, CC0 of compatibel. Naamsvermelding volgens licentievoorwaarden. Volledig bronnenoverzicht →