Afbeelding volgtAI-gegenereerde illustratieColletes albomaculatus
3
Planten
bezocht
3
Interacties
gedocumenteerd
De Witte zijdebij (Colletes albomaculatus) is direct herkenbaar aan de karakteristieke witte, in het midden onderbroken haarbanden op het donkere achterlijf. Met een lichaamslengte van acht tot tien millimeter is ze iets kleiner en slanker dan een gewone honingbij. Deze wilde bij brengt slechts één generatie per jaar voort, die voornamelijk in de hoogzomer actief is. Het vrouwtje legt haar eieren in zelfgegraven gangen op opvallende, vegetatiearme bodemplekken. Als voedsel voor het nageslacht verzamelt ze stuifmeel bijna uitsluitend op inheemse resedasoorten zoals de Wilde reseda (Reseda lutea) of de Wouw (Reseda luteola). De wanden van de broedkamers bekleedt ze met een lichaamseigen afscheiding die uithardt tot een waterdichte, zijdeachtig glanzende laag. De larven eten de verzamelde voorraad en blijven vervolgens als rustlarve (een inactief stadium vóór de verpopping) achter. In deze toestand overwintert het dier diep in de vorstvrije bodem. Je kunt deze soort ondersteunen door zonnige zandplekken in de tuin onbegroeid te laten en gericht reseda's aan te planten. Zonder deze specifieke waardplanten kan de bij geen nageslacht grootbrengen.
Klikken markeert verbindingen · Nogmaals klikken opent de soortpagina
network_loading_state
Volkomen ongevaarlijk en een graag geziene gast in de tuin. De bij is zeer vredelievend en bezit een slechts zwak ontwikkelde angel, die de menselijke huid nauwelijks kan doordringen.
Ernährung & Verhalten
Voedsel
polylektisch
Generationen/Jahr
univoltin
De Witte zijdebij behoort tot de familie Colletidae en leidt een solitair bestaan. Ze komt voor in Centraal-Europa, maar is strikt gebonden aan warme locaties met zand- of lösshoudende bodems. Een belangrijk kenmerk van het geslacht is de aan het uiteinde gespleten tong, die doet denken aan die van wespen. Voor leken is vooral de specialisatie op resedasoorten een betrouwbare aanwijzing voor determinatie in de tuin.
3 planten worden door deze soort bezocht
•EuPPollNet (Zenodo 10.5281/zenodo.14747448)
•Neff et al. (2025) — Swiss Moth Traits, DOI: 10.5281/zenodo.14506883 (CC BY)
•GBIF Backbone Taxonomy — GBIF Secretariat (2024), DOI: 10.15468/39omei (CC BY 4.0)
•EBHD — European Biodiversity Hub Database v2025, Zenodo, DOI: 10.5281/zenodo.17107215 (CC BY 4.0)
Alle data zijn gelicentieerd onder CC BY 4.0, CC0 of compatibel. Naamsvermelding volgens licentievoorwaarden. Volledig bronnenoverzicht →