Afbeelding volgtAI-gegenereerde illustratieDicentra formosa
Uitheemse soort (Neofyt)
Deze plant is niet inheems in Centraal-Europa. Ze werd na 1492 geïntroduceerd en heeft zich in het wild gevestigd. Gedocumenteerde interacties met inheemse fauna staan hieronder vermeld — deze vervangen echter niet de ecologische waarde van inheemse planten.
Dicentra formosa kenmerkt zich door hangende, hartvormige bloemen in roze tinten en fijn geveerd, varenachtig blad. Deze kruidachtige plant bereikt een hoogte van 0,56 m en is geschikt voor halfschaduwrijke locaties. De bloeiperiode loopt van april tot september. Met een zaadgewicht van 1,4209 mg vindt verspreiding plaats via wind of mieren.
Langbloeiende plant voor de halfschaduw: bloei van april tot september.
Dicentra formosa biedt door de bloeiperiode van april tot september een continue nectarbron in schaduwrijke tuindelen. De soort fungeert als generalist voor de lokale fauna. De zaden (1,4209 mg) maken effectieve verspreiding mogelijk. De dichte groeiwijze biedt een koelere schuilplaats voor bodemorganismen tijdens warme zomerdagen.
Dicentra formosa bevat als lid van de Papaveraceae alkaloïden. Consumptie kan leiden tot misselijkheid en huidcontact kan irritaties veroorzaken. Draag handschoenen bij het planten en houd rekening met kinderen en huisdieren. Raadpleeg bij incidenten een arts of het antigifcentrum.
Licht
—
Vochtigheid
—
Bodem
—
Bloeitijd
Apr – Sep
Groeivorm
Krautige Pflanze
Verhouting
Nicht verholzt
Bladtype
Breitblättrig
Planthoogte
0.565 m
Morfologische kenmerken: TRY ID3 (CC BY 3.0) & TRY ID81 (CC BY)
Kroonbuis
17.5 mm
Standplaats: Halfschaduw tot schaduw, beschermd tegen directe middagzon.
Bodem: Humusrijk en constant licht vochtig, zonder wateroverlast.
Planttijd: Voorjaar (maart tot mei) of najaar (september tot november).
Plantafstand: 30 tot 40 cm.
Hoogte: 0,56 m.
Onderhoud: Terugsnoeien na de eerste bloei in juni kan de nabloei tot september bevorderen.
Vermeerdering: Via zelfuitzaaiing of door deling van de wortelstok in het voorjaar.
Combinatie: Pulmonaria officinalis deelt dezelfde bodemvoorkeuren.
Dicentra formosa behoort tot de familie Papaveraceae binnen de orde Ranunculales. De soort is inheems in de lichte bossen van het westen van Noord-Amerika en gedijt op bosrandachtige standplaatsen. Het is een vaste, kruidachtige plant die door ondergrondse uitlopers dichte bestanden vormt. De diep ingesneden bladeren blijven gedurende de zomer groen.
•Baden-Böhm F, App M, Thiele J (2022) — The FloRes Database: A floral resources trait database for pollinator habitat-assessment generated by a multistep workflow. Johann Heinrich von Thünen-Institut, Dryad, DOI: 10.5061/dryad.djh9w0w29 (CC0)
•GBIF Backbone Taxonomy — GBIF Secretariat (2024), DOI: 10.15468/39omei (CC BY 4.0)
•TRY Categorical Traits (ID3) — Kattge et al. (2012), DOI: 10.17871/TRY.3 (CC BY 3.0)
•TRY Global Spectrum (ID81) — Díaz et al. (2016/2021), DOI: 10.17871/TRY.81 (CC BY)
•Checklist Alien Plants Belgium — Verloove F (2023), Botanic Garden Meise (CC BY 4.0)
•Govaerts R et al. (2025) — World Checklist of Vascular Plants (WCVP) v14. Royal Botanic Gardens, Kew. DOI: 10.34885/xs7h-ze42 (CC BY 4.0)
Alle data zijn gelicentieerd onder CC BY 4.0, CC0 of compatibel. Naamsvermelding volgens licentievoorwaarden. Volledig bronnenoverzicht →