Afbeelding volgtAI-gegenereerde illustratieDiervilla sessilifolia
Diervilla sessilifolia kenmerkt zich door de spits toelopende bladeren die direct op de stengel staan en een bossige, bijna bolvormige groeiwijze. Deze struik bloeit laat in het seizoen, in oktober, wanneer veel andere planten al zijn uitgebloeid. Omdat er voor deze soort geen specifieke bestuivingsgegevens voor wilde bijen of vlinders bekend zijn, fungeert de plant primair als structureel element. De dichte takken bieden vogels zoals de merel (Turdus merula) een veilige schuilplaats. Het is een robuuste plant die weinig onderhoud vereist en in het najaar kleur toevoegt.
Robuuste structuurgever met markante herfstverkleuring en late bloei.
Er zijn geen specifieke relaties met bestuivers of waardplantgegevens voor rupsen bekend voor Diervilla sessilifolia. De plant vervult echter belangrijke ecologische functies door de groeivorm. Het dichte bladerdek biedt kleine zoogdieren en vogels bescherming tegen predatoren. Door de vorming van uitlopers is de soort geschikt voor bodemfixatie en bescherming tegen erosie. De late bloei in oktober biedt een laat accent in het tuinseizoen.
Diervilla sessilifolia is niet geclassificeerd als kindvriendelijk. Omdat er geen gedetailleerde gegevens over giftigheid beschikbaar zijn, dienen plantendelen niet geconsumeerd te worden. Bij inname door kinderen of huisdieren dient contact te worden opgenomen met een antigifcentrum.
Licht
—
Vochtigheid
—
Bodem
—
Bloeitijd
Okt – Okt
Bladtype
Breitblättrig
Morfologische kenmerken: TRY ID3 (CC BY 3.0) & TRY ID81 (CC BY)
Plant de struik in het voorjaar tussen maart en mei of in het najaar van september tot november.
Kies een zonnige tot halfschaduwrijke standplaats; meer licht bevordert een intensere herfstverkleuring.
De bodem dient goed doorlatend te zijn om wateroverlast bij de wortels te voorkomen.
Houd bij het planten voldoende afstand, aangezien de struik zich via uitlopers kan uitbreiden.
Een snoeibeurt in het vroege voorjaar behoudt de vitaliteit en zorgt voor een compacte groei.
Water geven is na het aanslaan alleen nodig bij langdurige droogte.
Goede partner: Corylus avellana – een inheemse struik met vergelijkbare standplaatseisen die als natuurlijke windbeschutting dient.
Diervilla sessilifolia behoort tot de kamperfoeliefamilie (Caprifoliaceae) en is oorspronkelijk afkomstig uit berggebieden. Een opvallend kenmerk zijn de vierkantige scheuten, die vooral bij jonge takken goed zichtbaar zijn. De bladeren zijn ongesteeld – in botanische termen 'sessiel' genoemd – wat betekent dat ze direct op de tak aanzetten. De plant is zeer aanpasbaar aan uiteenlopende bodemomstandigheden.
•GBIF Backbone Taxonomy — GBIF Secretariat (2024), DOI: 10.15468/39omei (CC BY 4.0)
•TRY Categorical Traits (ID3) — Kattge et al. (2012), DOI: 10.17871/TRY.3 (CC BY 3.0)
•TRY Global Spectrum (ID81) — Díaz et al. (2016/2021), DOI: 10.17871/TRY.81 (CC BY)
•Govaerts R et al. (2025) — World Checklist of Vascular Plants (WCVP) v14. Royal Botanic Gardens, Kew. DOI: 10.34885/xs7h-ze42 (CC BY 4.0)
Alle data zijn gelicentieerd onder CC BY 4.0, CC0 of compatibel. Naamsvermelding volgens licentievoorwaarden. Volledig bronnenoverzicht →