Afbeelding volgtAI-gegenereerde illustratieDittrichia viscosa
8
Soorten
interageren
32
Interacties
gedocumenteerd
Dittrichia viscosa valt op door de intens gele bloemhoofdjes en de kleverige, klierachtig behaarde bladeren die een harsachtige geur verspreiden. Als laatbloeier die in oktober tot volle bloei komt, vervult de plant een ecologische rol als voedselbron voor insecten wanneer de meeste andere planten zijn uitgebloeid. De plant bereikt een hoogte van 0,74 m.
De goudreserve in oktober: essentiële laatbloeier voor bestuivers.
Klikken markeert verbindingen · Nogmaals klikken opent de soortpagina
Ecologisch netwerk laden…
Dittrichia viscosa is door de bloeiperiode in oktober een belangrijke energiebron voor bestuivers. De plant levert verse pollen en nectar wanneer veel andere soorten al in de zaadfase zijn. Het zaadgewicht bedraagt 0,3266 mg, wat verspreiding door de wind mogelijk maakt. De zaadstanden bieden voedsel voor vogels en de stengels dienen als schuilplaats voor kleine organismen.
Dittrichia viscosa is niet kindvriendelijk. De kleverige klierharen kunnen bij huidcontact allergische reacties of irritaties veroorzaken. Draag tuinhandschoenen bij het snoeien of verplanten.
Licht
—
Vochtigheid
—
Bodem
—
Bloeitijd
Okt – Okt
Nectarwaarde
4
Pollenwaarde
4
Groeivorm
Krautige Pflanze
Verhouting
Nicht verholzt
Bladtype
Breitblättrig
Bladfenologie
Immergrün
Planthoogte
0.74 m
Morfologische kenmerken: TRY ID3 (CC BY 3.0) & TRY ID81 (CC BY)
Kies een volledig zonnige en warme standplaats.
De bodem dient schraal en zeer goed doorlatend te zijn om wintervocht te vermijden.
Planttijd: voorjaar (maart tot mei) of vroege herfst.
Houd rekening met een groeihoogte van 0,74 m bij de inrichting van de beplanting.
Water geven is enkel nodig tijdens extreme droogte, aangezien de soort zeer droogteresistent is.
Snoei kan in de late winter plaatsvinden om ruimte te maken voor nieuwe uitloop.
Als kruidachtige plant trekt de soort zich in de winter volledig terug in de bodem.
Dittrichia viscosa behoort tot de familie Asteraceae en is een kruidachtige plant. De soort is inheems in het Middellandse Zeegebied en gedijt op zonnige, warme standplaatsen. De natuurlijke habitat bestaat uit ruderale terreinen en wegbermen. De plant kenmerkt zich door breed blad en een kleverige textuur, veroorzaakt door klierharen. De groeihoogte bedraagt 0,74 m.
6 andere soorten bezoeken de bloemen
•EuPPollNet (Zenodo 10.5281/zenodo.14747448)
•EuPPollNet (CC BY 4.0) – Hervías-Parejo et al. 2023, Zenodo doi:10.5281/zenodo.7985884
•EuPPollNet — Kuppler et al. (2025), DOI: 10.1111/geb.70000 (CC BY 4.0)
•Database of Pollinator Interactions (DoPI) — Pocock et al. (2022), DOI: 10.1002/ecy.3801 (CC BY)
•GBIF Backbone Taxonomy — GBIF Secretariat (2024), DOI: 10.15468/39omei (CC BY 4.0)
•TRY Categorical Traits (ID3) — Kattge et al. (2012), DOI: 10.17871/TRY.3 (CC BY 3.0)
•TRY Global Spectrum (ID81) — Díaz et al. (2016/2021), DOI: 10.17871/TRY.81 (CC BY)
•Checklist Alien Plants Belgium — Verloove F (2023), Botanic Garden Meise (CC BY 4.0)
•Govaerts R et al. (2025) — World Checklist of Vascular Plants (WCVP) v14. Royal Botanic Gardens, Kew. DOI: 10.34885/xs7h-ze42 (CC BY 4.0)
Alle data zijn gelicentieerd onder CC BY 4.0, CC0 of compatibel. Naamsvermelding volgens licentievoorwaarden. Volledig bronnenoverzicht →