Afbeelding volgtAI-gegenereerde illustratieDracocephalum thymiflorum
Uitheemse soort (Neofyt)
Deze plant is niet inheems in Centraal-Europa. Ze werd na 1492 geïntroduceerd en heeft zich in het wild gevestigd. Gedocumenteerde interacties met inheemse fauna staan hieronder vermeld — deze vervangen echter niet de ecologische waarde van inheemse planten.
Dracocephalum thymiflorum kenmerkt zich door kleine bloemen die in dichte kransen langs de opgaande stengels staan. Deze zeldzame lipbloemige (Lamiaceae) gedijt op locaties die voor veel andere planten te droog zijn. De soort verrijkt het aanbod in de zomer en biedt een waardevolle toevoeging aan de biodiversiteit op zonnige, droge standplaatsen.
Een zeldzame verschijning voor zonnige, droge plekken in de tuin.
Als lipbloemige biedt Dracocephalum thymiflorum nectar in een beschermde bloembuis, wat gunstig is voor insecten met gespecialiseerde monddelen. De bloeiperiode in juni en juli vormt een aanvulling op het aanbod na de voorjaarsbloei. Het laten staan van de uitgebloeide zaadstengels biedt in de winter potentieel voedsel voor vogels en schuilgelegenheid voor kleine nuttige insecten.
Dracocephalum thymiflorum is niet veilig voor consumptie. Voorkom dat kinderen plantendelen in de mond steken. Neem bij vermoeden van vergiftiging direct contact op met een medische hulpdienst.
Licht
—
Vochtigheid
—
Bodem
—
Bloeitijd
Jun – Jul
Planttijd in het voorjaar: maart tot mei.
Planttijd in het najaar: september tot november, mits de bodem vorstvrij is.
Standplaats: Volle zon is essentieel.
Bodem: Uitstekende drainage is vereist; de plant is gevoelig voor wateroverlast.
Waterbehoefte: Eenmaal gevestigd is de plant goed bestand tegen droogte; water geven is enkel nodig bij extreme hitte.
Onderhoud: Laat de stengels na de bloei in juli staan om zaadvorming en natuurlijke uitzaaiing mogelijk te maken.
Vermeerdering: De soort zaait zichzelf bij geschikte omstandigheden betrouwbaar uit.
Dracocephalum thymiflorum behoort tot de familie van de lipbloemigen (Lamiaceae). De soort komt in Centraal-Europa onbestendig voor op zonnige wegbermen of puinhellingen en geeft de voorkeur aan xerotherme standplaatsen. De plant heeft een vierkantige stengel en lipvormige bloemen. De bloeitijd valt in de hoogzomer, waarbij de plant zich onderscheidt door een gracieuze groeiwijze en relatief kleine bloemen.
•GBIF Backbone Taxonomy — GBIF Secretariat (2024), DOI: 10.15468/39omei (CC BY 4.0)
•Checklist Alien Plants Belgium — Verloove F (2023), Botanic Garden Meise (CC BY 4.0)
Alle data zijn gelicentieerd onder CC BY 4.0, CC0 of compatibel. Naamsvermelding volgens licentievoorwaarden. Volledig bronnenoverzicht →