Afbeelding volgtAI-gegenereerde illustratieFestuca cinerea
Festuca cinerea valt op door de dichte, halfronde pollen in een opvallende zilvergrijze tot blauwgroene kleur. Als gras is het een structuurvormer in zonnige borders die ook in de winter kleur behoudt. De plant biedt een beschutte schuilplaats voor diverse kleine organismen. Omdat de soort is aangepast aan schrale, droge standplaatsen, is deze geschikt voor het ecologisch inrichten van uitdagende tuindelen. Het is een robuuste plant die weinig onderhoud vereist.
Zilverblauwe accenten op 0,29 m: de robuuste rustgever voor schrale, zonnige plekken.
Hoewel er geen specifieke bestuivingsgegevens voor insectenbezoek bekend zijn, is de ecologische betekenis als structuurelement groot. De dichte pollen bieden spinnen, loopkevers en andere nuttige insecten een veilige schuilplaats tegen predatoren. In de wintermaanden dienen de resterende halmen als overwinteringskwartier voor insecten die in de holle halmen bescherming zoeken. Bovendien beschermt het gras de bodem op droge plekken tegen erosie door wind en water. Door de aanpassing aan extreme standplaatsen bevordert de soort de biodiversiteit op plekken waar nauwelijks andere planten kunnen overleven.
Festuca cinerea wordt als niet kindvriendelijk geclassificeerd; voorzichtigheid is geboden wanneer kleine kinderen in de tuin spelen. De bladeren kunnen scherpe randen hebben en bij onvoorzichtig aanraken lichte snijwonden veroorzaken. Bij accidentele inname van plantendelen dient contact te worden opgenomen met een antigifcentrum.
Licht
—
Vochtigheid
—
Bodem
—
Bloeitijd
—
Groeivorm
Gras
Verhouting
Nicht verholzt
Bladtype
Breitblättrig
Planthoogte
0.294 m
Morfologische kenmerken: TRY ID3 (CC BY 3.0) & TRY ID81 (CC BY)
Kies een plek in de volle zon, die minimaal 6 uur direct zonlicht per dag ontvangt.
De bodem dient schraal (voedselarm) en zeer goed doorlatend te zijn; meng indien nodig zand of grind door de aarde.
Vermijd stagnerend vocht, aangezien de wortels bij te veel vochtigheid snel kunnen rotten.
Planttijd: plant het gras in het voorjaar (maart tot mei) of in het najaar (september tot november), mits de bodem open is.
Houd rekening met de planthoogte van 0,29 m en plan een afstand van ongeveer 25 tot 30 centimeter tot de volgende plant.
Terugsnoeien is niet nodig; kam in het voorjaar enkel afgestorven halmen met de vingers uit de pol.
Vermeerdering: de pollen kunnen in het vroege voorjaar worden gedeeld om de plant te verjongen.
Goede partner: Achillea millefolium – deze heeft dezelfde standplaatseisen en biedt een contrast met de blauwe kleur van het gras.
Festuca cinerea behoort tot de familie van de grassen (Poaceae) en de orde van de grassen (Poales). De soort is wijdverspreid in Europa en groeit bij voorkeur op xerotherm grasland (droge, warme schrale graslanden) en zandige open plekken. Met een karakteristieke planthoogte van exact 0,29 m blijft dit gras compact en vormt het geen uitlopers. De zilverachtige kleur is een aanpassing aan sterke zonnestraling, waarbij een fijne waslaag op de bladeren beschermt tegen verdamping. In de natuur komt de soort voor op voedselarme bodems, waar deze stabiel groeit ondanks droogte.
•GBIF Backbone Taxonomy — GBIF Secretariat (2024), DOI: 10.15468/39omei (CC BY 4.0)
•TRY Categorical Traits (ID3) — Kattge et al. (2012), DOI: 10.17871/TRY.3 (CC BY 3.0)
•TRY Global Spectrum (ID81) — Díaz et al. (2016/2021), DOI: 10.17871/TRY.81 (CC BY)
•Govaerts R et al. (2025) — World Checklist of Vascular Plants (WCVP) v14. Royal Botanic Gardens, Kew. DOI: 10.34885/xs7h-ze42 (CC BY 4.0)
Alle data zijn gelicentieerd onder CC BY 4.0, CC0 of compatibel. Naamsvermelding volgens licentievoorwaarden. Volledig bronnenoverzicht →