Afbeelding volgtAI-gegenereerde illustratieGeranium phaeum subsp. phaeum
43
Soorten
interageren
49
Interacties
gedocumenteerd
Geranium phaeum subsp. phaeum valt op door de bijna zwart-violette bloemen met karakteristiek teruggeslagen bloemblaadjes. Deze inheemse vaste plant staat op de Rode Lijst (categorie 3, kwetsbaar) en is een belangrijke nectarplant voor gespecialiseerde bestuivers zoals de boshommel (Bombus sylvarum) en diverse dagvlinders, waaronder het oranjetipje (Anthocharis cardamines). De soort is geschikt voor schaduwrijke locaties.
Bedreigde schoonheid: mystiek donkere bloemen voor boshommels in de tuin.
Klikken markeert verbindingen · Nogmaals klikken opent de soortpagina
Ecologisch netwerk laden…
Geranium phaeum subsp. phaeum is een belangrijke nectarplant voor de boshommel (Bombus sylvarum). Ook vlinders zoals de kleine vuurvlinder (Lycaena phlaeas), de kleine vos (Aglais urticae) en het klein koolwitje (Pieris rapae) profiteren van het aanbod. Voor het oranjetipje (Anthocharis cardamines) vormt de plant in het voorjaar een betrouwbare bron. De lichte zaden (3,83 mg) dragen bij aan de verspreiding en de verbinding van habitats.
Geranium phaeum subsp. phaeum is niet kindvriendelijk. Consumptie of intensief huidcontact dienen te worden vermeden. Bij incidenten contact opnemen met de relevante hulpdiensten. In huishoudens met kleine kinderen is een plek achter in de border aan te raden.
Licht
—
Vochtigheid
—
Bodem
—
Bloeitijd
Mai – Jun
Bioregio
Continental
Groeivorm
Krautige Pflanze
Verhouting
Nicht verholzt
Bladtype
Breitblättrig
Planthoogte
0.425 m
Morfologische kenmerken: TRY ID3 (CC BY 3.0) & TRY ID81 (CC BY)
Hoogte: De plant bereikt een hoogte van 0,43 m.
Standplaats: Kies een plek in de halfschaduw of schaduw, bij voorkeur onder struiken of bomen.
Bodem: De bodem dient humeus en niet te droog te zijn, passend bij het boskarakter van de soort.
Planttijd: Jonge planten kunnen in het voorjaar (maart tot mei) of in het najaar (september tot november) worden geplant, mits de bodem vorstvrij is.
Onderhoud: Terugsnoeien na de eerste bloei bevordert vaak een nieuwe bladgroei.
Vermeerdering: De plant verspreidt zich via lichte zaden (ca. 3,83 mg) die door de wind worden verplaatst.
Goede partner: Carex sylvatica is een geschikte combinatie voor schaduwrijke locaties.
Geranium phaeum subsp. phaeum behoort tot de familie Geraniaceae. De soort is inheems of als archeofyt aanwezig in delen van Europa. Het natuurlijke habitat bestaat uit kruidenrijke bossen en bosranden. Het is een niet-verhoute, kruidachtige plant met brede bladeren die een oppervlakte van circa 10297 mm² kunnen bereiken. De plant vormt een arbusculaire mycorrhiza (AM), een symbiose tussen de wortels en bodemschimmels voor een verbeterde nutriëntenopname.
2 videos over Geranium phaeum subsp. phaeum
43 soorten interageren met deze plant
•Interaktionsdaten via GloBI (CC-BY 4.0)
•FloraWeb / BfN
•GBIF Backbone Taxonomy — GBIF Secretariat (2024), DOI: 10.15468/39omei (CC BY 4.0)
•TRY Categorical Traits (ID3) — Kattge et al. (2012), DOI: 10.17871/TRY.3 (CC BY 3.0)
•TRY Global Spectrum (ID81) — Díaz et al. (2016/2021), DOI: 10.17871/TRY.81 (CC BY)
•Checklist Alien Plants Belgium — Verloove F (2023), Botanic Garden Meise (CC BY 4.0)
•Govaerts R et al. (2025) — World Checklist of Vascular Plants (WCVP) v14. Royal Botanic Gardens, Kew. DOI: 10.34885/xs7h-ze42 (CC BY 4.0)
Alle data zijn gelicentieerd onder CC BY 4.0, CC0 of compatibel. Naamsvermelding volgens licentievoorwaarden. Volledig bronnenoverzicht →