Afbeelding volgtAI-gegenereerde illustratieGilia achilleifolia
Uitheemse soort (Neofyt)
Deze plant is niet inheems in Centraal-Europa. Ze werd na 1492 geïntroduceerd en heeft zich in het wild gevestigd. Gedocumenteerde interacties met inheemse fauna staan hieronder vermeld — deze vervangen echter niet de ecologische waarde van inheemse planten.
Gilia achilleifolia is herkenbaar aan het fijn geveerde blad en de dichte, blauwe bloemhoofdjes. De plant valt op door een zeer lange bloeiperiode van mei tot december, waardoor deze ook laat in het jaar een bron vormt. Met zaden van 0,55 mg verspreidt de soort zich via de wind naar geschikte locaties.
Langdurige bloeier: blauwe bloemen van mei tot de eerste vorst.
De ecologische waarde van Gilia achilleifolia ligt in de fenologie, met een bloeiperiode van mei tot december. Dit biedt een voedselbron in de late herfstmaanden wanneer het aanbod voor insecten afneemt. De zaden (0,55 mg) zijn geschikt voor anemochorie (verspreiding door de wind). De kruidachtige resten bieden in de winter structuur voor overwinterende organismen.
Gilia achilleifolia is niet kindvriendelijk. Plaats de plant met zorg in tuinen waar kinderen of huisdieren komen. Raadpleeg bij accidentele inname direct een arts of het antigifcentrum.
Licht
—
Vochtigheid
—
Bodem
—
Bloeitijd
Mai – Dez
Groeivorm
Krautige Pflanze
Verhouting
Nicht verholzt
Bladtype
Breitblättrig
Morfologische kenmerken: TRY ID3 (CC BY 3.0) & TRY ID81 (CC BY)
Planttijd in het voorjaar: maart tot mei.
Alternatieve planttijd in het najaar: september tot november, mits de bodem vorstvrij is.
Vanwege het kruidachtige karakter is een beschutte standplaats in de border aanbevolen.
Houd rekening met de neiging tot zelfuitzaaiing door de lichte zaden (0,55 mg).
Snoei pas na de bloeiperiode in december om natuurlijke vermeerdering te ondersteunen.
De plant is niet kindvriendelijk; houd hier rekening mee bij de locatiekeuze in tuinen waar kinderen spelen.
Gilia achilleifolia behoort tot de familie Polemoniaceae. Het is een kruidachtige plant met een breed, maar fijn verdeeld blad. De soort staat bekend om de opvallende bloeiduur. De vermeerdering vindt plaats via diasporen met een gewicht van 0,55 mg, die geoptimaliseerd zijn voor verspreiding over grotere afstanden. De bolvormige bloeiwijzen zijn morfologisch kenmerkend.
•GBIF Backbone Taxonomy — GBIF Secretariat (2024), DOI: 10.15468/39omei (CC BY 4.0)
•TRY Categorical Traits (ID3) — Kattge et al. (2012), DOI: 10.17871/TRY.3 (CC BY 3.0)
•TRY Global Spectrum (ID81) — Díaz et al. (2016/2021), DOI: 10.17871/TRY.81 (CC BY)
•Checklist Alien Plants Belgium — Verloove F (2023), Botanic Garden Meise (CC BY 4.0)
Alle data zijn gelicentieerd onder CC BY 4.0, CC0 of compatibel. Naamsvermelding volgens licentievoorwaarden. Volledig bronnenoverzicht →