Afbeelding volgtAI-gegenereerde illustratieJuncus acutiflorus subsp. acutiflorus
3
Soorten
interageren
4
Interacties
gedocumenteerd
Juncus acutiflorus subsp. acutiflorus is een overblijvende plant die groeit in vochtige gebieden. De soort bereikt een hoogte van 0,57 m en vormt losse pollen. De plant is inheems en draagt bij aan de biodiversiteit door als habitat te dienen voor diverse insectensoorten.
Inheemse plant voor vochtige standplaatsen.
Klikken markeert verbindingen · Nogmaals klikken opent de soortpagina
Ecologisch netwerk laden…
Juncus acutiflorus subsp. acutiflorus fungeert als voedselplant en habitat. De soort wordt bezocht door vlinders zoals het dikkopje (Ochlodes sylvanus), het bruin zandoogje (Lasiommata maera) en Pararge xiphioides. De zaden zijn licht (0,0125 mg) en worden door de wind verspreid, wat bijdraagt aan de kolonisatie van vochtige biotopen. De stengels bieden schuilplaatsen voor insectenlarven.
De plant heeft scherpe bloeistengels en halmen die mechanische irritatie aan huid of ogen kunnen veroorzaken bij aanraking. De soort staat niet bekend als giftig.
Licht
—
Vochtigheid
—
Bodem
—
Bloeitijd
Jun – Aug
Groeivorm
Gras
Verhouting
Nicht verholzt
Bladtype
Breitblättrig
Bladfenologie
Immergrün
Planthoogte
0.573 m
Morfologische kenmerken: TRY ID3 (CC BY 3.0) & TRY ID81 (CC BY)
Standplaats: Volle zon tot halfschaduw, bij voorkeur aan de vijverrand of in een moeraszone.
Bodem: De bodem dient constant vochtig tot nat te zijn; de plant verdraagt kalkarme, veenachtige of humusrijke gronden.
Planttijd: Voorjaar (maart tot mei) of najaar (september tot november).
Hoogte: Houd rekening met een eindhoogte van 0,57 m.
Bodemvoorbereiding: Bij zware kleigronden is geen specifieke voorbereiding vereist.
Onderhoud: Verwijder verdroogde stengels pas in de late winter.
Vermeerdering: De plant verspreidt zich via zaden (0,0125 mg) door de wind.
Juncus acutiflorus subsp. acutiflorus behoort tot de familie Juncaceae. De soort is inheems in Duitsland, Oostenrijk en Zwitserland. Het natuurlijke habitat omvat vochtige graslanden, laagveen en slootkanten. De plant vormt losse pollen en vertoont een symbiose met arbusculaire mycorrhiza-schimmels. De bladeren zijn breed en bezitten inwendige dwarsschotten.
3 soorten interageren met deze plant
•Middleton-Welling_2020
•FloraWeb / BfN
•GBIF Backbone Taxonomy — GBIF Secretariat (2024), DOI: 10.15468/39omei (CC BY 4.0)
•TRY Categorical Traits (ID3) — Kattge et al. (2012), DOI: 10.17871/TRY.3 (CC BY 3.0)
•TRY Global Spectrum (ID81) — Díaz et al. (2016/2021), DOI: 10.17871/TRY.81 (CC BY)
•Govaerts R et al. (2025) — World Checklist of Vascular Plants (WCVP) v14. Royal Botanic Gardens, Kew. DOI: 10.34885/xs7h-ze42 (CC BY 4.0)
Alle data zijn gelicentieerd onder CC BY 4.0, CC0 of compatibel. Naamsvermelding volgens licentievoorwaarden. Volledig bronnenoverzicht →