Afbeelding volgtAI-gegenereerde illustratieJuncus marginatus
Juncus marginatus onderscheidt zich door de platte, grasachtige bladeren en de bolvormige, glanzend bruine bloemhoofdjes aan het uiteinde van de stengels. Deze soort biedt structuur in vochtige zones of langs vijverranden en dient als schuilplaats voor kleine organismen in de oeverzone.
Een robuuste structuurplant voor vochtige tuinzones.
De ecologische waarde van Juncus marginatus ligt in de functie als structuurvormer in vochtige biotopen. De plant biedt een habitat voor amfibieën en kleine organismen die in de vochtige oeverzone beschutting zoeken. De zaadstanden blijven vaak in de winter staan. Gezien de herkomst uit Oostenrijk is de soort aangepast aan de lokale klimatologische omstandigheden.
De plant wordt niet als kindvriendelijk geclassificeerd; voorzichtigheid is geboden bij de keuze van de standplaats in tuinen waar kleine kinderen spelen. Er is geen direct gevaar voor verwarring met sterk giftige soorten, maar een bewuste omgang is raadzaam.
Licht
—
Vochtigheid
—
Bodem
—
Bloeitijd
—
Groeivorm
Gras
Verhouting
Nicht verholzt
Bladtype
Breitblättrig
Bladfenologie
Immergrün
Planthoogte
0.6 m
Morfologische kenmerken: TRY ID3 (CC BY 3.0) & TRY ID81 (CC BY)
Juncus marginatus gedijt op locaties met een constante watervoorziening. * Een standplaats aan de vijverrand of in een vochtige laagte is ideaal. * De plant groeit het best in de volle zon tot halfschaduw. * Een leemhoudende of humusrijke bodem is gewenst om vocht vast te houden. * De beste planttijd is in het voorjaar van maart tot mei of in het najaar van september tot eind november, mits de bodem vorstvrij is. * Vermeerdering vindt plaats door de pol in het vroege voorjaar te delen. * Snoei verdroogde stengels pas in februari of maart terug om de structuur gedurende de winter te behouden.
Juncus marginatus behoort tot de familie van de russen (Juncaceae). De soort komt voor in delen van Centraal-Europa, met name in Oostenrijk, en geeft de voorkeur aan vochtige tot natte habitats zoals moerasweiden of oeverzones. De plant groeit in pollen en onderscheidt zich van veel andere russen door de platte, grasachtige bladeren in plaats van ronde stengels.
•GBIF Backbone Taxonomy — GBIF Secretariat (2024), DOI: 10.15468/39omei (CC BY 4.0)
•TRY Categorical Traits (ID3) — Kattge et al. (2012), DOI: 10.17871/TRY.3 (CC BY 3.0)
•TRY Global Spectrum (ID81) — Díaz et al. (2016/2021), DOI: 10.17871/TRY.81 (CC BY)
Alle data zijn gelicentieerd onder CC BY 4.0, CC0 of compatibel. Naamsvermelding volgens licentievoorwaarden. Volledig bronnenoverzicht →