Afbeelding volgtAI-gegenereerde illustratieKoeleria glauca
Koeleria glauca kenmerkt zich door stijve, blauwgroene bladeren die dichte, egelachtige pollen vormen, gecombineerd met cilindrische, zilverachtig glanzende bloeiwijzen. Als soort op de Rode Lijst (categorie 2) is de plant in de natuur sterk bedreigd. De soort gedijt op extreme standplaatsen en fungeert daar als belangrijke structuurvormer. Voor zanderige hoeken of zonnige droge muren is dit gras een geschikte keuze om een waardevolle stapsteen voor de lokale biodiversiteit te creëren.
Rode-Lijst-soort in de tuin: een robuuste overlever voor zanderige, zonnige plekken.
Vanwege de status op de Rode Lijst (categorie 2) heeft dit gras een hoge natuurwaarde voor het behoud van de regionale flora. De dichte pollen bieden talloze bodembewonende insecten en spinnen een schuilplaats voor de winter. De zaden vormen in de nazomer en herfst een voedselbron voor kleine zangvogels. In een natuurlijke tuin dient de plant als essentieel onderdeel voor het nabootsen van gespecialiseerde levensgemeenschappen in zand- en droogbiotopen.
Koeleria glauca is niet giftig, maar de bladeren zijn scherp, wat bij contact kan leiden tot kleine snijwonden aan de huid. Er is geen gevaar voor verwarring met giftige planten.
Licht
Sonne
Vochtigheid
Trocken
Bodem
Schwachzehrer (Magerer Boden)
Bloeitijd
Mai – Jul
Bodemreactie
Basisch / Kalkhold
Groeivorm
Gras
Verhouting
Nicht verholzt
Bladtype
Breitblättrig
Planthoogte
0.106 m
Morfologische kenmerken: TRY ID3 (CC BY 3.0) & TRY ID81 (CC BY)
Koeleria glauca is een zwakke groeier met een geringe behoefte aan voedingsstoffen en vereist een zeer schrale, doorlatende bodem.
Standplaats: Kies een plek in de volle zon.
Bodem: Een mengsel van tuingrond met veel zand of fijn grind is ideaal; wateroverlast moet worden vermeden.
Planttijd: Aanplanten kan in het voorjaar van maart tot mei of in het najaar tot eind november, mits de bodem niet bevroren is.
Water geven: Alleen tijdens de groeifase na het planten is water nodig; daarna is de plant zelfvoorzienend.
Bemesting: Bemesting dient achterwege te blijven om de compacte vorm van het gras te behouden.
Snoei: De pollen pas in de late winter voor de nieuwe uitloop terugknippen.
Combinatieadvies: Armeria maritima is een geschikte partner, aangezien beide soorten de voorkeur geven aan zanderige, voedselarme bodems.
Koeleria glauca behoort tot de familie van de grassen (Poaceae) en is een kenmerkende bewoner van xerotherme graslanden (droge, warme schrale grasmatten). De soort is inheems in Oostenrijk en komt voornamelijk voor op kalkhoudende zandgronden. De plant bezit een dikke waslaag op de bladeren, die zorgt voor de karakteristieke kleur en bescherming biedt tegen uitdroging. Door het verlies van schrale graslanden is de soort in de natuur inmiddels zeer zeldzaam.
•FloraWeb / BfN
•EIVE 1.0 — Dengler et al. (2023), DOI: 10.3897/VCS.98324 (CC BY 4.0)
•GBIF Backbone Taxonomy — GBIF Secretariat (2024), DOI: 10.15468/39omei (CC BY 4.0)
•TRY Categorical Traits (ID3) — Kattge et al. (2012), DOI: 10.17871/TRY.3 (CC BY 3.0)
•TRY Global Spectrum (ID81) — Díaz et al. (2016/2021), DOI: 10.17871/TRY.81 (CC BY)
•Checklist Alien Plants Belgium — Verloove F (2023), Botanic Garden Meise (CC BY 4.0)
Alle data zijn gelicentieerd onder CC BY 4.0, CC0 of compatibel. Naamsvermelding volgens licentievoorwaarden. Volledig bronnenoverzicht →