Afbeelding volgtAI-gegenereerde illustratieTypha laxmannii
Typha laxmannii valt op door de slanke, kaneelbruine bloeikolven en smalle, grasachtige bladeren. In vergelijking met andere soorten blijft deze plant compacter, wat hem geschikt maakt voor kleinere waterpartijen. Ecologisch is de soort waardevol door de vorming van arbusculaire mycorrhiza, een symbiose met bodemschimmels die het bodemleven in de vochtige oever bevordert. Daarnaast bieden de stengels structuur voor libellen en andere watergebonden organismen.
Slanke elegantie aan de vijverrand: een compacte soort voor natuurlijke waterpartijen.
De ecologische waarde van Typha laxmannii komt voort uit de vorming van arbusculaire mycorrhiza, wat de opname van voedingsstoffen verbetert. De dichte stengels bieden beschutting aan insecten bij het water. In de winter dienen de wollige vruchtstanden als nestmateriaal voor vogels. De plant draagt hiermee bij aan de structurele diversiteit van het biotoop.
Typha laxmannii is niet kindvriendelijk. De rijpe vruchtstanden vallen uiteen in fijne, zwevende haartjes die irritatie aan ogen of slijmvliezen kunnen veroorzaken. Bovendien zijn de bladranden scherp, wat bij aanraking kan leiden tot snijwonden.
Licht
Sonne
Vochtigheid
Nass / Sumpf
Bodem
—
Bloeitijd
Jun – Aug
Bioregio
Continental
Groeivorm
Gras
Verhouting
Nicht verholzt
Bladtype
Breitblättrig
Planthoogte
1.049 m
Morfologische kenmerken: TRY ID3 (CC BY 3.0) & TRY ID81 (CC BY)
Plaats Typha laxmannii op een zonnige standplaats in de ondiepe oeverzone. De ideale waterdiepte bedraagt 10 tot 30 centimeter boven het substraat. De bodem dient voedselrijk en modderig te zijn. De beste planttijd is in het voorjaar (maart tot mei) of in het najaar (september tot november), mits er geen vorst in de grond zit. Gebruik plantmanden om de uitbreiding te beperken. Terugsnoeien van de stengels is in de winter niet noodzakelijk en kan het beste in het vroege voorjaar gebeuren. Vermeerdering vindt plaats door het delen van de wortelstok in het voorjaar.
Typha laxmannii behoort tot de familie Typhaceae binnen de orde Poales. De soort komt voor in Duitsland, Oostenrijk en Zwitserland en geeft de voorkeur aan zonnige ondiepe wateren en vochtige oeverzones. Een kenmerkend botanisch aspect is de duidelijke tussenruimte tussen het bovenste, mannelijke deel en het onderste, dikkere vrouwelijke deel van de bloeikolf. De plant bereikt doorgaans een hoogte van 80 tot 150 centimeter en vormt dichte bestanden via uitlopers.
•EIVE 1.0 — Dengler et al. (2023), DOI: 10.3897/VCS.98324 (CC BY 4.0)
•GBIF Backbone Taxonomy — GBIF Secretariat (2024), DOI: 10.15468/39omei (CC BY 4.0)
•TRY Categorical Traits (ID3) — Kattge et al. (2012), DOI: 10.17871/TRY.3 (CC BY 3.0)
•TRY Global Spectrum (ID81) — Díaz et al. (2016/2021), DOI: 10.17871/TRY.81 (CC BY)
•Checklist Alien Plants Belgium — Verloove F (2023), Botanic Garden Meise (CC BY 4.0)
Alle data zijn gelicentieerd onder CC BY 4.0, CC0 of compatibel. Naamsvermelding volgens licentievoorwaarden. Volledig bronnenoverzicht →