Afbeelding volgtAI-gegenereerde illustratieAnagallis monelli
1
Soorten
interageren
1
Interacties
gedocumenteerd
Anagallis monelli kenmerkt zich door smalle bladeren en een lage, kussenvormige groeiwijze. Deze plant gedijt op zeer zonnige en droge locaties. Met een hoogte van 0,2 m is de soort geschikt voor rotstuinen of wegbermen op schrale bodems. De plant dient als voedselbron voor de zeldzame Euphydryas aurinia.
Compacte zonaanbidder: 20 cm natuurkracht voor Euphydryas aurinia.
Klikken markeert verbindingen · Nogmaals klikken opent de soortpagina
Ecologisch netwerk laden…
Anagallis monelli is ecologisch gespecialiseerd en biedt habitat in extreme omstandigheden. De plant is een belangrijke voedselbron voor Euphydryas aurinia. De zaden wegen 0,47 mg, waardoor verspreiding via de wind mogelijk is. Dit draagt bij aan de genetische diversiteit in geïsoleerde schrale graslanden. Als zwakke groeier vormt de plant geen concurrentie voor groeikrachtige soorten.
Anagallis monelli is niet geclassificeerd als veilig voor kinderen en huisdieren. Bij consumptie van plantendelen dient direct contact te worden opgenomen met een antigifcentrum.
Licht
Sonne
Vochtigheid
Trocken
Bodem
—
Bloeitijd
—
Bioregio
Continental
Groeivorm
Krautige Pflanze
Verhouting
Nicht verholzt
Bladtype
Breitblättrig
Planthoogte
0.2 m
Morfologische kenmerken: TRY ID3 (CC BY 3.0) & TRY ID81 (CC BY)
Standplaats: Volle zon (lichtgetal 9).
Bodem: Schrale bodem (zwakke groeier); geen bemesting toepassen.
Vochtigheid: Droge bodem (vochtigheidsgetal 2); vermijd wateroverlast.
Bodemreactie: Neutraal tot zwak zuur (reactiegetal 4).
Planttijd: Voorjaar (maart tot mei) of najaar (september tot november).
Bodemvoorbereiding: Bij zware grond zorgen voor drainage door toevoeging van zand of fijn grind.
Vermeerdering: De zaden (0,47 mg) worden door de wind verspreid; laat de zaaddozen in het najaar staan.
Plantpartners: Dianthus deltoides is een geschikte buurplant voor vergelijkbare droge, schrale standplaatsen.
Anagallis monelli behoort tot de familie Primulaceae. De natuurlijke habitat bestaat uit xerotherme locaties op kalkarme, neutrale tot zwak zure bodems. Het is een kruidachtige plant met een breedbladig type. De soort vormt een symbiose met arbusculaire mycorrhiza-schimmels, wat bijdraagt aan het overleven in voedselarme omstandigheden. De plant bereikt een hoogte van 0,2 m.
•Middleton-Welling_2020
•EIVE 1.0 — Dengler et al. (2023), DOI: 10.3897/VCS.98324 (CC BY 4.0)
•GBIF Backbone Taxonomy — GBIF Secretariat (2024), DOI: 10.15468/39omei (CC BY 4.0)
•TRY Categorical Traits (ID3) — Kattge et al. (2012), DOI: 10.17871/TRY.3 (CC BY 3.0)
•TRY Global Spectrum (ID81) — Díaz et al. (2016/2021), DOI: 10.17871/TRY.81 (CC BY)
•Govaerts R et al. (2025) — World Checklist of Vascular Plants (WCVP) v14. Royal Botanic Gardens, Kew. DOI: 10.34885/xs7h-ze42 (CC BY 4.0)
Alle data zijn gelicentieerd onder CC BY 4.0, CC0 of compatibel. Naamsvermelding volgens licentievoorwaarden. Volledig bronnenoverzicht →