Afbeelding volgtAI-gegenereerde illustratiePhleum subulatum
Phleum subulatum is herkenbaar aan de smalle, priemvormig toegespitste aartjespluim, een compacte, aarachtige bloeiwijze. Dit eenjarige gras fungeert als pioniersoort die open bodemoppervlakken op zonnige locaties koloniseert. Het draagt bij aan een natuurlijke structuur en gedijt goed in droge, schrale omstandigheden.
Fijne overlever voor hete, droge tuinlocaties.
Phleum subulatum fungeert als structuurvormer en bodemfixeerder op droge locaties. Als gras biedt het een natuurlijke habitat voor bodembewonende insecten. Tijdens de wintermaanden vormen de resterende zaadstanden een voedselbron voor vogels. De plant draagt bij aan de stabilisatie van het microklimaat en biedt beschutting voor kleine organismen tijdens het koude seizoen.
Phleum subulatum wordt niet als kindvriendelijk geclassificeerd. In tuinen waar kinderen spelen, dient de plant buiten directe speelzones geplaatst te worden om mogelijke irritatie door de harde aren te voorkomen.
Licht
—
Vochtigheid
—
Bodem
—
Bloeitijd
Apr – Mai
Groeivorm
Gras
Verhouting
Nicht verholzt
Bladtype
Breitblättrig
Morfologische kenmerken: TRY ID3 (CC BY 3.0) & TRY ID81 (CC BY)
Kies een standplaats in de volle zon met minimaal zes uur direct zonlicht.
De bodem dient schraal en zeer waterdoorlatend te zijn; voeg indien nodig zand of fijn grind toe.
Planttijd in het voorjaar is van maart tot mei, of in het najaar van september tot november.
Water geven is enkel nodig tijdens de eerste groeifase; daarna is het gras extreem droogtetolerant.
Bemesting dient vermeden te worden, aangezien een overschot aan voedingsstoffen de stabiliteit vermindert.
Omdat de plant eenjarig is, moeten de halmen tot het voorjaar blijven staan zodat de zaden kunnen rijpen en zich natuurlijk kunnen uitzaaien.
Snoei vindt pas plaats in de late winter, kort voor de nieuwe uitloop van andere planten.
Geschikte partner: Anthemis tinctoria, die vergelijkbare eisen stelt aan droogte.
Phleum subulatum behoort tot de familie van de grassen (Poaceae) en de orde van de grasachtigen (Poales). De soort komt voor in droge, warme graslanden en op zonnige wegbermen. De morfologie wordt gekenmerkt door zeer smalle, stijve bloeiwijzen die fijner zijn dan die van Phleum pratense. Als eenjarige plant voltooit de soort de volledige levenscyclus binnen één jaar.
•GBIF Backbone Taxonomy — GBIF Secretariat (2024), DOI: 10.15468/39omei (CC BY 4.0)
•TRY Categorical Traits (ID3) — Kattge et al. (2012), DOI: 10.17871/TRY.3 (CC BY 3.0)
•TRY Global Spectrum (ID81) — Díaz et al. (2016/2021), DOI: 10.17871/TRY.81 (CC BY)
•Checklist Alien Plants Belgium — Verloove F (2023), Botanic Garden Meise (CC BY 4.0)
Alle data zijn gelicentieerd onder CC BY 4.0, CC0 of compatibel. Naamsvermelding volgens licentievoorwaarden. Volledig bronnenoverzicht →