Afbeelding volgtAI-gegenereerde illustratiePteridium aquilinum subsp. aquilinum
Pteridium aquilinum subsp. aquilinum kenmerkt zich door grote, drievoudig geveerde bladeren die een dicht bladerdek vormen. Als inheemse varensoort biedt de plant beschutting voor amfibieën en kleine zoogdieren in schaduwrijke zones. Door de uitbreiding via rizomen draagt de plant bij aan bodemstabilisatie op hellingen en onder houtopstanden. De plant vereist na vestiging nauwelijks onderhoud, maar heeft voldoende ruimte nodig om zich te kunnen ontwikkelen.
Een robuuste varen van 1,61 m hoogte voor natuurlijke bosrijke hoekjes.
Pteridium aquilinum subsp. aquilinum fungeert als structuurplant die grootschalige dekking biedt aan bodembewonende dieren. De ecologische waarde ligt primair in het creëren van microklimaten onder de grote bladeren. De bladeren verminderen bodemerosie door de impact van regendruppels te dempen. Via AM-mycorrhiza draagt de plant bij aan de stabiliteit van het bodemnetwerk. In de winter dienen de afgestorven bladeren als winterverblijf voor nuttige dieren zoals padden of egels.
Pteridium aquilinum subsp. aquilinum is in alle delen giftig en niet kindveilig. De plant is niet geschikt voor tuinen waar kleine kinderen of huisdieren verblijven. Raadpleeg bij vermoeden van vergiftiging direct een arts of het antigifcentrum.
Licht
Halbschatten
Vochtigheid
Frisch (Mäßig feucht)
Bodem
Schwachzehrer (Magerer Boden)
Bloeitijd
Jul – Sep
Bodemreactie
Sauer (Säurezeiger)
Bioregio
Continental
Groeivorm
Farn
Verhouting
Nicht verholzt
Bladtype
Breitblättrig
Planthoogte
1.612 m
Morfologische kenmerken: TRY ID3 (CC BY 3.0) & TRY ID81 (CC BY)
Kies een standplaats in de halfschaduw (Ellenberg Licht 6), beschermd tegen de middagzon.
De bodem dient vers tot matig vochtig te zijn (vochtigheidsgetal 5); wateroverlast moet worden vermeden.
De plant gedijt het best op schrale, onbemeste grond (Ellenberg stikstofgetal 3).
Een zure bodem (reactiegetal 3) is vereist, bij voorkeur met een laag bladmuls.
De plant bereikt een hoogte van 1,61 m; houd hier rekening mee bij de plantafstand.
Planttijd: voorjaar (maart tot mei) of najaar (september tot november), mits de bodem vorstvrij is.
Vermeerdering vindt meestal zelfstandig plaats via rizomen.
Geschikte partner: Vaccinium myrtillus, die dezelfde voorkeur heeft voor zure, schrale bosbodems in de halfschaduw.
Pteridium aquilinum subsp. aquilinum behoort tot de familie Dennstaedtiaceae en is inheems in Centraal-Europa. De natuurlijke habitat bestaat uit lichte bossen, open plekken en heidevelden op voedselarme, zure bodems. De soort vertoont een sterk groeipotentieel via ver vertakte ondergrondse uitlopers. De vermeerdering vindt plaats via sporen die aan de onderzijde van de bladeren rijpen.
1 video over Pteridium aquilinum subsp. aquilinum
•FloraWeb / BfN
•EIVE 1.0 — Dengler et al. (2023), DOI: 10.3897/VCS.98324 (CC BY 4.0)
•GBIF Backbone Taxonomy — GBIF Secretariat (2024), DOI: 10.15468/39omei (CC BY 4.0)
•TRY Categorical Traits (ID3) — Kattge et al. (2012), DOI: 10.17871/TRY.3 (CC BY 3.0)
•TRY Global Spectrum (ID81) — Díaz et al. (2016/2021), DOI: 10.17871/TRY.81 (CC BY)
•Govaerts R et al. (2025) — World Checklist of Vascular Plants (WCVP) v14. Royal Botanic Gardens, Kew. DOI: 10.34885/xs7h-ze42 (CC BY 4.0)
Alle data zijn gelicentieerd onder CC BY 4.0, CC0 of compatibel. Naamsvermelding volgens licentievoorwaarden. Volledig bronnenoverzicht →