Afbeelding volgtAI-gegenereerde illustratieSpinacia oleracea
2
Soorten
interageren
2
Interacties
gedocumenteerd
2
Gastheerrelaties
Soorten
Spinacia oleracea is herkenbaar aan de sappige, groene, pijlvormige bladeren die in een dichte rozet vlak boven de grond groeien. In een natuurlijke tuin fungeert de plant als een essentiële rupswaardplant voor de huismoeder (Noctua pronuba) en de groente-uil (Lacanobia oleracea). Door enkele exemplaren te laten bloeien, wordt de biodiversiteit direct ondersteund en krijgen inheemse nachtvlindersoorten een belangrijke voedselbron.
Essentiële rupswaardplant voor de huismoeder en groente-uil op een compacte hoogte van 0,38 m.
Klikken markeert verbindingen · Nogmaals klikken opent de soortpagina
Netwerk wordt geladen...
De ecologische waarde van Spinacia oleracea ligt in de functie als rupswaardplant. De huismoeder (Noctua pronuba) en de groente-uil (Lacanobia oleracea) gebruiken de bladeren als voedselbron. Met een hoogte van 0,38 m biedt de plant tevens beschutting aan bodembewonende insecten. De zaadrijping in de nazomer draagt bij aan de natuurlijke verspreiding, waarbij de zware zaden meestal in de directe omgeving van de moederplant blijven. Door de plant te laten bloeien, wordt deze cyclus ondersteund.
Spinacia oleracea is veilig voor mens en huisdier. De plant bevat oxaalzuur; bij normale consumptie is dit onschadelijk, maar bij grote hoeveelheden dienen gevoelige personen voorzichtig te zijn. Verwarring met giftige tuinplanten is bij gerichte teelt in de moestuin vrijwel uitgesloten.
Licht
—
Vochtigheid
—
Bodem
—
Bloeitijd
Mai – Aug
Groeivorm
Krautige Pflanze
Verhouting
Nicht verholzt
Bladtype
Breitblättrig
Planthoogte
0.379 m
Morfologische kenmerken: TRY ID3 (CC BY 3.0) & TRY ID81 (CC BY)
Zaaitijd in het voorjaar: Van maart tot mei direct in de volle grond zaaien, zolang de bodem open is.
Standplaats: Kies een zonnige tot halfschaduwrijke plek met een gelijkmatige bodemvochtigheid.
Bodemgesteldheid: De plant vereist een humusrijke en voedselrijke bodem.
Groeihoogte: Houd bij de planning rekening met een eindhoogte van 0,38 m.
Waterbehoefte: Houd de bodem constant vochtig; droogte leidt tot voortijdig doorschieten (bloeien).
Zaaiwijze: In rijen met 20 cm tussenruimte zaaien en later uitdunnen tot 10 cm in de rij.
Onderhoud: De bodem regelmatig schoffelen om de beluchting te bevorderen en onkruid te reguleren.
Tweede teelt: Een tweede zaaiperiode is mogelijk in de nazomer (augustus tot september) voor de herfstoogst.
Goede partner: Matricaria chamomilla – deze inheemse soort bevordert de bodemgezondheid en sluit aan bij de standplaatseisen.
Spinacia oleracea behoort tot de amarantenfamilie (Amaranthaceae) binnen de orde van de Caryophyllales. De plant is oorspronkelijk afkomstig uit Centraal-Azië en is in Midden-Europa een wijdverspreide cultuurplant op voedselrijke bodems. Deze kruidachtige, niet-verhoutende plant bereikt een hoogte van exact 0,38 m. De onopvallende bloemen verschijnen tussen mei en augustus en worden hoofdzakelijk door de wind bestoven. De zaden (diasporen) wegen ongeveer 6,96 mg, wat verspreiding over korte afstanden bevordert.
2 soorten gebruiken deze plant als gastheer
•Cook et al. (2025) UK Butterfly & Moth Traits (DOI: 10.5285/dbc7cc17-cbbd-49dd-bab4-8e8855768d66)
•GBIF Backbone Taxonomy — GBIF Secretariat (2024), DOI: 10.15468/39omei (CC BY 4.0)
•TRY Categorical Traits (ID3) — Kattge et al. (2012), DOI: 10.17871/TRY.3 (CC BY 3.0)
•TRY Global Spectrum (ID81) — Díaz et al. (2016/2021), DOI: 10.17871/TRY.81 (CC BY)
•Checklist Alien Plants Belgium — Verloove F (2023), Botanic Garden Meise (CC BY 4.0)
Alle data zijn gelicentieerd onder CC BY 4.0, CC0 of compatibel. Naamsvermelding volgens licentievoorwaarden. Volledig bronnenoverzicht →