Afbeelding volgtAI-gegenereerde illustratieSymphyotrichum ericoides
3
Soorten
interageren
3
Interacties
gedocumenteerd
3
Gastheerrelaties
Soorten
Symphyotrichum ericoides is herkenbaar aan de kleine, naaldachtige bladeren en de talrijke witte bloemen. De plant fungeert als een belangrijke nectarplant in het najaar, wanneer de meeste andere planten zijn uitgebloeid. Het is een waardplant voor diverse vlindersoorten, waaronder de aster-monnik (Cucullia asteris).
Witte bloemenzee in het najaar: een essentiële rupswaardplant voor de aster-monnik.
Klikken markeert verbindingen · Nogmaals klikken opent de soortpagina
Ecologisch netwerk laden…
Deze soort dient als rupswaardplant voor diverse vlinders, waaronder Lacanobia oleracea en Biston betularia. Ook de aster-monnik (Cucullia asteris) is afhankelijk van deze plant. In de winter fungeren de uitgebloeide zaadstanden als voedselbron voor vogels. Door de late bloeiperiode vormt de plant een belangrijke pollenbron en nectarplant wanneer andere voedselbronnen schaars zijn.
Symphyotrichum ericoides is niet geschikt voor consumptie. Plaats de plant met zorg in tuinen waar kleine kinderen spelen.
Licht
—
Vochtigheid
—
Bodem
—
Bloeitijd
Aug – Okt
Groeivorm
Krautige Pflanze
Verhouting
Nicht verholzt
Bladtype
Breitblättrig
Planthoogte
0.9 m
Morfologische kenmerken: TRY ID3 (CC BY 3.0) & TRY ID81 (CC BY)
Standplaats: Kies een volledig zonnige plek.
Bodem: De bodem dient goed doorlatend en droog tot matig vochtig te zijn; stagnerend water moet worden vermeden.
Planttijd: Aanplanten in het voorjaar (maart tot mei) of in het najaar tot eind november, zolang de bodem bewerkbaar is.
Onderhoud: Het terugsnoeien van de verdroogde stengels in de late winter bevordert de vitaliteit.
Vermeerdering: De wortelstok kan in het vroege voorjaar worden gedeeld.
Combinatie: Goed te combineren met Aster amellus voor een continu aanbod aan nectar voor bestuivers.
Bemesting: Extra bemesting is doorgaans niet nodig.
Symphyotrichum ericoides behoort tot het geslacht Symphyotrichum en is inheems in Oostenrijk. De plant geeft de voorkeur aan zonnige standplaatsen en heeft een bossige, stevige groeivorm. Kenmerkend zijn de zeer fijne, heideachtige bladeren. Als vaste plant vormt deze soort in het late najaar een groot aantal kleine bloemhoofdjes.
3 soorten gebruiken deze plant als gastheer
•Cook et al. (2025) UK Butterfly & Moth Traits (DOI: 10.5285/dbc7cc17-cbbd-49dd-bab4-8e8855768d66)
•GBIF Backbone Taxonomy — GBIF Secretariat (2024), DOI: 10.15468/39omei (CC BY 4.0)
•TRY Categorical Traits (ID3) — Kattge et al. (2012), DOI: 10.17871/TRY.3 (CC BY 3.0)
•TRY Global Spectrum (ID81) — Díaz et al. (2016/2021), DOI: 10.17871/TRY.81 (CC BY)
•Govaerts R et al. (2025) — World Checklist of Vascular Plants (WCVP) v14. Royal Botanic Gardens, Kew. DOI: 10.34885/xs7h-ze42 (CC BY 4.0)
Alle data zijn gelicentieerd onder CC BY 4.0, CC0 of compatibel. Naamsvermelding volgens licentievoorwaarden. Volledig bronnenoverzicht →