Afbeelding volgtAI-gegenereerde illustratieTrifolium pallidum
Uitheemse soort (Neofyt)
Deze plant is niet inheems in Centraal-Europa. Ze werd na 1492 geïntroduceerd en heeft zich in het wild gevestigd. Gedocumenteerde interacties met inheemse fauna staan hieronder vermeld — deze vervangen echter niet de ecologische waarde van inheemse planten.
Trifolium pallidum is een kruidachtige plant die opvalt door zijn lichte bloemhoofdjes. Als lid van de vlinderbloemenfamilie (Fabaceae) draagt de soort bij aan de stikstofbinding in de bodem. De zeer lichte zaden (0,92 mg) maken een verspreiding via de wind mogelijk, waardoor de plant zich zelfstandig in open vegetaties kan vestigen.
Natuurlijke bodemverbeteraar met lichtgewicht zaden voor stikstofrijke groei.
Trifolium pallidum verbetert de bodemvruchtbaarheid door stikstofbinding. De plant draagt bij aan de structuur van de kruidlaag. Door de snelle afbraak van de niet-verhoutende plantendelen wordt organische stof aan de bodem toegevoegd. De anemochore verspreiding bevordert de ecologische connectiviteit in het landschap.
Trifolium pallidum is niet veilig voor consumptie. Voorkom inname door kinderen. Raadpleeg bij accidentele inname direct een arts of het antigifcentrum.
Licht
—
Vochtigheid
—
Bodem
—
Bloeitijd
—
Groeivorm
Krautige Pflanze
Verhouting
Nicht verholzt
Bladtype
Breitblättrig
Morfologische kenmerken: TRY ID3 (CC BY 3.0) & TRY ID81 (CC BY)
Standplaats: Zonnig, bij voorkeur in een graslandbiotoop.
Planttijd: Maart tot mei of in het najaar bij vorstvrije bodem.
Onderhoud: Geen snoei nodig van de kruidachtige delen.
Vermeerdering: Vindt zelfstandig plaats via windverspreiding van de zaden.
Bodem: Geen specifieke voorbereiding vereist; integreert in bestaande vegetatie.
Winter: Laat uitgebloeide stengels staan als bodembescherming.
Water: Matig water geven, enkel bij extreme droogte.
Combinatie: Achillea millefolium is een geschikte partner vanwege vergelijkbare standplaatseisen.
Trifolium pallidum behoort tot de familie Fabaceae binnen de orde Fabales. Het is een kruidachtige plant die niet verhout. Kenmerkend is het lage gewicht van de zaden (0,92 mg), wat anemochorie (verspreiding door de wind) faciliteert. De brede bladstructuur is aangepast aan een efficiënte lichtopname in open habitats.
•GBIF Backbone Taxonomy — GBIF Secretariat (2024), DOI: 10.15468/39omei (CC BY 4.0)
•TRY Categorical Traits (ID3) — Kattge et al. (2012), DOI: 10.17871/TRY.3 (CC BY 3.0)
•TRY Global Spectrum (ID81) — Díaz et al. (2016/2021), DOI: 10.17871/TRY.81 (CC BY)
•Checklist Alien Plants Belgium — Verloove F (2023), Botanic Garden Meise (CC BY 4.0)
Alle data zijn gelicentieerd onder CC BY 4.0, CC0 of compatibel. Naamsvermelding volgens licentievoorwaarden. Volledig bronnenoverzicht →