Afbeelding volgtAI-gegenereerde illustratieViola arvensis subsp. megalantha
7
Soorten
interageren
7
Interacties
gedocumenteerd
Viola arvensis subsp. megalantha kenmerkt zich door een compacte, kruidachtige groeiwijze en voor viooltjes kenmerkende bloemen, die bij deze ondersoort opvallend groot zijn. De plant dient als belangrijke voedselbron voor diverse parelmoervlinders, zoals de zilveren maan (Boloria selene) en de kleine parelmoervlinder (Boloria dia). Door zelfuitzaaiing draagt de soort bij aan een natuurlijke dynamiek in zonnige borders.
Kleine plant met grote ecologische waarde: een nectarplant voor parelmoervlinders.
Klikken markeert verbindingen · Nogmaals klikken opent de soortpagina
Netwerk wordt geladen...
Viola arvensis subsp. megalantha is een essentiële nectarplant voor diverse parelmoervlinders. Tot de soorten die hiervan profiteren behoren Boloria pales, de zilveren maan (Boloria selene), de zilveren maan (Boloria euphrosyne), Boloria graeca en de kleine parelmoervlinder (Boloria dia). De verspreiding vindt plaats via lichte zaden (0,428 mg) die door de wind worden meegevoerd.
Viola arvensis subsp. megalantha is niet veilig voor consumptie. Voorkom dat kleine kinderen plantendelen in de mond steken. Neem bij accidentele inname direct contact op met een antigifcentrum.
Licht
Sonne
Vochtigheid
Frisch (Mäßig feucht)
Bodem
Mittelzehrer (Normaler Boden)
Bloeitijd
—
Bodemreactie
Mäßig sauer bis neutral
Groeivorm
Krautige Pflanze
Verhouting
Nicht verholzt
Bladtype
Breitblättrig
Planthoogte
0.124 m
Morfologische kenmerken: TRY ID3 (CC BY 3.0) & TRY ID81 (CC BY)
Lichtbehoefte: Kies een volledig zonnige standplaats.
Bodemvochtigheid: De bodem dient vers te zijn, met een gelijkmatige, matige vochtigheid zonder wateroverlast.
Voedingsbehoefte: Als matige verbruiker volstaat een normale tuingrond; extra bemesting is doorgaans niet nodig.
Bodemgesteldheid: Een neutrale tot zwak zure bodemreactie is optimaal.
Planttijd: Aanplanten in het voorjaar (april tot mei) of in het najaar (september tot november).
Groeihoogte: Met 0,12 m geschikt voor de voorzijde van de border.
Vermeerdering: De lichte zaden (0,428 mg) verspreiden zich via de wind; laat uitgebloeide plantendelen staan voor natuurlijke uitzaaiing.
Goede partner: Matricaria chamomilla vormt een ecologische aanvulling op vergelijkbare standplaatsen.
Als lid van de viooltjesfamilie (Violaceae) wordt deze ondersoort in de regio beschouwd als inheems of als archeofyt. De plant geeft de voorkeur aan matig warme standplaatsen op neutrale tot zwak zure bodems. In de natuur komt de soort voor op akkers en ruderale terreinen. Met een planthoogte van 0,12 m blijft de soort klein, maar beschikt over een bladoppervlak van meer dan 500 mm² per blad voor een efficiënte lichtbenutting.
7 soorten interageren met deze plant
•Middleton-Welling_2020
•FloraWeb / BfN
•EIVE 1.0 — Dengler et al. (2023), DOI: 10.3897/VCS.98324 (CC BY 4.0)
•GBIF Backbone Taxonomy — GBIF Secretariat (2024), DOI: 10.15468/39omei (CC BY 4.0)
•TRY Categorical Traits (ID3) — Kattge et al. (2012), DOI: 10.17871/TRY.3 (CC BY 3.0)
•TRY Global Spectrum (ID81) — Díaz et al. (2016/2021), DOI: 10.17871/TRY.81 (CC BY)
Alle data zijn gelicentieerd onder CC BY 4.0, CC0 of compatibel. Naamsvermelding volgens licentievoorwaarden. Volledig bronnenoverzicht →