Afbeelding volgtAI-gegenereerde illustratieAraniella inconspicua
inheems Nederland
NSR v20260516 (Nederlands Soortenregister) · 2026 · 100%
Araniella inconspicua is herkenbaar aan het bleekgroene tot geelgroene achterlijf, het opisthosoma, dat in tegenstelling tot verwante soorten geen rode vlek aan het uiteinde vertoont. Met een lichaamslengte van slechts vijf tot zes millimeter is dit een kleine, effectieve jager. Het kopborststuk, het prosoma, is meestal geelachtig of lichtbruin van kleur. Er ontwikkelt zich één generatie per jaar, waarbij de paring in het late voorjaar plaatsvindt. De vrouwtjes leggen hun eieren in kleine, goed gecamoufleerde cocons van spinsel aan de onderzijde van bladeren, bij voorkeur op de zomereik (Quercus robur) of de haagbeuk (Carpinus betulus). De jonge spinnen voeden zich met kleine vliegende insecten die zij in hun fijne wielwebben in het bladerdek vangen. Voor de overwintering zoeken de halfvolwassen spinnen beschutte plekken op in de schors van oude bomen of in dichte mossen. Een natuurlijke tuin met een hoge bladdichtheid biedt de nodige leefomgeving voor het bouwen van webben.
Klikken markeert verbindingen · Nogmaals klikken opent de soortpagina
Ecologisch netwerk laden…
Deze spin is volkomen ongevaarlijk. Er is geen risico op beten bij mensen, aangezien de kaken de menselijke huid niet kunnen doordringen.
Araniella inconspicua behoort tot de familie van de wielwebspinnen (Araneidae) en komt in grote delen van Europa voor. De soort bewoont vooral de kroonlagen van loofbomen en heggen, waar zij door haar kleur perfect gecamoufleerd is. Van de bekendere Araniella cucurbitina onderscheidt zij zich door het ontbreken van de rode tekening boven de spintepels. De soort bouwt kleine wielwebben van vaak slechts enkele centimeters groot tussen de takken.
•GBIF Occurrence Database (CC BY 4.0 / CC0)
Alle data zijn gelicentieerd onder CC BY 4.0, CC0 of compatibel. Naamsvermelding volgens licentievoorwaarden. Volledig bronnenoverzicht →