Afbeelding volgtAI-gegenereerde illustratieSolanum luteum agg.
Solanum luteum agg. is herkenbaar aan de dofgroene, breed-eivormige bladeren en kleine witte bloemen met opvallende gele helmknoppen. Als inheemse bewoner van ruderale locaties, zoals puinplaatsen of wegbermen, draagt deze soort bij aan de biodiversiteit in bebouwde omgevingen. De plant koloniseert open plekken en ondersteunt de natuurlijke dynamiek. Als kleine halfstruik is de soort geschikt voor de voorgrond van een beplanting.
Inheemse pionier: een compacte zonminnende soort voor vitale hoekjes met wilde kruiden.
Als inheemse wilde plant fungeert Solanum luteum agg. als pioniersoort op open bodem en draagt bij aan bodemstabilisatie en het microklimaat. De bloemen dienen als pollenbron voor diverse bestuivende insecten. De plant biedt schuilgelegenheid voor kleine bodembewonende dieren en versterkt het voedselweb in natuurlijke omgevingen.
Solanum luteum agg. is giftig en bevat alkaloïden zoals solanine en solasodine. Vooral de onrijpe bessen en het kruid zijn gevaarlijk bij inname. De plant is niet kindveilig. Neem bij vergiftiging direct contact op met het antigifcentrum.
Licht
—
Vochtigheid
—
Bodem
—
Bloeitijd
—
Bioregio
Continental
Groeivorm
Halbstrauch
Verhouting
Nicht verholzt
Bladtype
Breitblättrig
Planthoogte
0.15 m
Morfologische kenmerken: TRY ID3 (CC BY 3.0) & TRY ID81 (CC BY)
Standplaats: Volle zon, minimaal 6 uur direct zonlicht per dag.
Bodem: Voedselrijk en los, met een goede drainage om wateroverlast te voorkomen.
Planttijd: Voorjaar, tussen maart en mei.
Plantafstand: 20 centimeter.
Water: Incidenteel water geven tijdens droge zomers; de plant verdraagt korte droge periodes.
Onderhoud: Snoeien is niet nodig, aangezien de plant bovengronds grotendeels kruidachtig is en in de winter afsterft.
Voortplanting: Laat de zaadstanden in het najaar staan voor natuurlijke uitzaaiing.
Solanum luteum agg. behoort tot de familie Solanaceae en is wijdverspreid in Duitsland. De soort geeft de voorkeur aan voedselrijke, warme en zonnige standplaatsen, zoals wijngaarden of braakliggende tuingrond. Het is een halfstruik die aan de basis verhout en een hoogte van 0,15 meter bereikt. De bladeren zijn breed en hebben een oppervlakte van circa 447,4 vierkante millimeter.
•GBIF Backbone Taxonomy — GBIF Secretariat (2024), DOI: 10.15468/39omei (CC BY 4.0)
•TRY Categorical Traits (ID3) — Kattge et al. (2012), DOI: 10.17871/TRY.3 (CC BY 3.0)
•TRY Global Spectrum (ID81) — Díaz et al. (2016/2021), DOI: 10.17871/TRY.81 (CC BY)
•Govaerts R et al. (2025) — World Checklist of Vascular Plants (WCVP) v14. Royal Botanic Gardens, Kew. DOI: 10.34885/xs7h-ze42 (CC BY 4.0)
Alle data zijn gelicentieerd onder CC BY 4.0, CC0 of compatibel. Naamsvermelding volgens licentievoorwaarden. Volledig bronnenoverzicht →