Afbeelding volgtAI-gegenereerde illustratieErica tetralix
90
Soorten
interageren
283
Interacties
gedocumenteerd
16
Gastheerrelaties
Soorten
Erica tetralix is een dwergstruik met knikkende, bolvormige roze bloemen. De soort staat op de Rode Lijst (categorie V). De plant fungeert als waardplant voor de rupsen van Gnophos obfuscata en Entephria caesiata, en als nectarbron voor Lycaena phlaeas en diverse bijensoorten zoals Halictus rubicundus.
Nectarbron voor Halictus rubicundus op vochtige standplaatsen.
Klikken markeert verbindingen · Nogmaals klikken opent de soortpagina
Ecologisch netwerk laden…
Deze plant bevordert nuttige insecten die plagen op natuurlijke wijze reguleren — aangetoond door interactiedata.
Oedemera lurida
Oedemera lurida
eet Oedemera nobilisRode weekschildkever
Rhagonycha fulva
eet Rhagonycha fulvaDatabron: GloBI · GBIF-Traits · Biologische relaties (CC BY 4.0)
Erica tetralix biedt een levensbasis voor gespecialiseerde insecten. Halictus rubicundus en Bombus terrestris agg. bezoeken de bloemen van mei tot juli. Athalia rosae is eveneens een bezoeker. De plant is een waardplant voor de rupsen van Gnophos obfuscata en Entephria caesiata, en een nectarbron voor Lycaena phlaeas. In de winter dienen de zaden als voedselbron voor vogels.
Erica tetralix is niet geschikt voor consumptie door mens of dier.
Licht
Sonne
Vochtigheid
Feucht
Bodem
Schwachzehrer (Magerer Boden)
Bloeitijd
Mai – Jul
Bodemreactie
Sauer (Säurezeiger)
Bioregio
Continental
Groeivorm
Strauch
Verhouting
Verholzt
Bladtype
Nadelblättrig
Bladfenologie
Immergrün
Planthoogte
0.334 m
Morfologische kenmerken: TRY ID3 (CC BY 3.0) & TRY ID81 (CC BY)
Erica tetralix vereist een zonnige standplaats met een constant vochtige bodem. De plant gedijt op kalkvrije, zure en voedselarme grond. Bemesting is niet toegestaan.
Planttijd: Maart tot mei of september tot november, mits de bodem vorstvrij is.
Onderhoud: Voorkom uitdroging van de wortelkluit, met name tijdens droge zomers.
Vermeerdering: Vermeerdering via stekken is mogelijk in de nazomer.
Combinatie: Molinia caerulea deelt de voorkeur voor vochtige, voedselarme omstandigheden.
Erica tetralix behoort tot de familie Ericaceae en is inheems in Nederland. De soort groeit van nature in moerassen en vochtige heidegebieden. Kenmerkend zijn de kransstandige bladeren (vier bladeren per krans) en de klierharen op de plant. De groeiwijze is dwergstruikachtig met een hoogte van 20 tot 50 centimeter.
62 soorten interageren met deze plant
16 soorten gebruiken deze plant als gastheer
12 andere soorten bezoeken de bloemen
•EuPPollNet (Zenodo 10.5281/zenodo.14747448)
•DoPI - Database of Pollinator Interactions (UK)
•EuPPollNet (CC BY 4.0) – Hervías-Parejo et al. 2023, Zenodo doi:10.5281/zenodo.7985884
•Cook et al. (2025) UK Butterfly & Moth Traits (DOI: 10.5285/dbc7cc17-cbbd-49dd-bab4-8e8855768d66)
•Interaktionsdaten via GloBI (CC-BY 4.0)
•Baden-Böhm F, App M, Thiele J (2022) — The FloRes Database: A floral resources trait database for pollinator habitat-assessment generated by a multistep workflow. Johann Heinrich von Thünen-Institut, Dryad, DOI: 10.5061/dryad.djh9w0w29 (CC0)
•FloraWeb / BfN
•EIVE 1.0 — Dengler et al. (2023), DOI: 10.3897/VCS.98324 (CC BY 4.0)
•GBIF Backbone Taxonomy — GBIF Secretariat (2024), DOI: 10.15468/39omei (CC BY 4.0)
•TRY Categorical Traits (ID3) — Kattge et al. (2012), DOI: 10.17871/TRY.3 (CC BY 3.0)
•TRY Global Spectrum (ID81) — Díaz et al. (2016/2021), DOI: 10.17871/TRY.81 (CC BY)
•Govaerts R et al. (2025) — World Checklist of Vascular Plants (WCVP) v14. Royal Botanic Gardens, Kew. DOI: 10.34885/xs7h-ze42 (CC BY 4.0)
Alle data zijn gelicentieerd onder CC BY 4.0, CC0 of compatibel. Naamsvermelding volgens licentievoorwaarden. Volledig bronnenoverzicht →